Jongerenloket voor professionals
Gepubliceerd op: 05-01-2021
Geprint op: 17-04-2021
https://www.rotterdam.nl/werken-leren/jongerenloket-professionals/
Ga naar de hoofdinhoud

Het Jongerenloket is hét loket voor ondersteuning van Rotterdamse jongeren van 18 tot en met 26 jaar voor onderwijs, werk, onderdak, inkomen, zorg en geldproblemen. Elke jongere die bij ons aanklopt, krijgt een aanpak op maat.

Onze intakers vragen op meerdere leefdomeinen uit en kijken naar wat elke jongere wil en nodig heeft om verder te komen in het leven. De casusregisseurs helpen de jongeren planmatig verder; van coaching bij problemen tot het regelen van begeleiding naar school of een baan, en praktische hulp bij regelzaken, zoals het aanvragen van een uitkering.

Hiermee dragen we eraan bij dat ook jonge Rotterdammers die een steuntje in de rug nodig hebben, bouwen aan een zo zelfredzaam mogelijke toekomst.

Wij werken hierbij samen met veel verschillende professionals. Collega’s vanuit de wijkteams of de afdeling Werk en Inkomen, maar ook externe trajectaanbieders en jongerenwerkers bijvoorbeeld. Benieuwd naar voorbeelden van deze samenwerking? Bekijk dan de verhalen hieronder.

De meerwaarde van samenwerking

Janes en Roy met de Erasmusbrug op de achtergrond

Janes Suitela is jongerenconsulent. 'Ik spreek regelmatig met jongeren af bij de Nieuwe Kans. Daar zijn ze meer op hun gemak.’ 

‘In het midden ontmoeten we elkaar’

Jeroen en Sharon voor de Maassilo

Regisseur team Garantiebanen Sharon Rijsdijk en jongerenconsulent Jeroen Beekmans over hun unieke samenwerking.

Dienstverlener versus zorgverlener

Chayenne en Iris voor de Erasmusbrug

Jongerenconsulent Chayenne Oron en behandelaar bij Fivoor Iris in ’t Veld over hun samenwerking aan de hand van een casus.

Haal (nog) méér uit uw samenwerking met het Jongerenloket!

Een jongedame stapt het Jongerenloket uit. Een andere zit op de trap en kijkt op haar telefoon.

Werkt u als professional van de gemeente Rotterdam of daarbuiten veel samen met het Jongerenloket? Bekijk dan de opname van de online bijeenkomst 'Samenwerken met het Jongerenloket' die plaatsvond op 11 februari 2021.

Aan tafel zitten Karola Zevenbergen, Roy Lints van De Nieuwe Kans (DNK) en Janes Suitela van het Jongerenloket (gemeente Rotterdam). Samen werken ze met Rotterdamse mannen (18 - 27 jaar) die door veel verschillende problemen (nog) niet op hun plek zijn in de samenleving. In 2019 kwamen 259 jongens zich aanmelden bij De Nieuwe Kans. Ongeveer de helft haakte af. Maar 109 aanmelders doorliepen met succes het hele traject en stroomden uit, naar werk, zorg of school.

Janes Suitela is jongerenconsulent bij het Jongerenloket. Hij verwijst regelmatig jongeren naar De Nieuwe Kans. Hij zit een deel van zijn werktijd op locatie bij De Nieuwe Kans op Zuid. 'Ik spreek regelmatig met jongeren af bij de Nieuwe Kans. Daar zijn ze meer op hun gemak.’  En Roy Lints vult hem aan: ‘Het jongerenloket zit in het stadhuis, vlakbij politiebureau Centrum. Voor sommige van onze cliënten is dat geen aantrekkelijke plek, zal ik maar zeggen.

‘Het begin telt’

Roy Lints doet de intake bij De Nieuwe Kans. Hij is dus de eerste die de jongens spreken na hun aanmelding. ‘Het begin telt’ zegt hij direct. ‘Ik stel de vraag die deze jongens al heel lang niet gehoord hebben: Hoe gaat het met jóu? En dan luister ik. Dat is meestal wel even wennen, maar dan vertellen ze toch hun verhaal; met veel emoties. Buiten heerst een machocultuur. Daar overleven ze door stoer te doen. Je kent het beeld: veel tatoeages en een grote mond. Maar 'hier niet' vertel ik ze. 'Hier niet zo doen, want dan is daar het gat van de deur.' Ja, natuurlijk gaat er wel eens iemand weg op dat moment. Maar meestal komen ze dan terug om sorry te zeggen, of ze sturen een mail. En dan beginnen we opnieuw. Warm gedisciplineerd, zo gaan we met de jongens om.’

De jongeren die bij de Nieuwe Kans in traject gaan, hebben verschillende problemen tegelijk. In het algemeen kun je zeggen dat hun sociale basis afwezig of stuk is. Geen (contact met) familie, 'foute' vrienden, een verslavingsverleden. Ze hebben in detentie gezeten, psychische problemen, geen dak boven hun hoofd, geen adres, en geen inkomen. Om uit díe situatie te stappen en te willen proberen iets van je leven te maken, vraagt moed. Allemaal hopen ze een doel te bereiken, maar dat gaat niet vanzelf. Roy vertelt over zijn 'Roytonde'. ‘Ik zeg tegen die jongens: 'Wil je rondjes blijven rijden op de rotonde? Of neem je met ons de afslag naar de A1? Als je de afslag neemt, hou dan rekening met file. Jij bent de chauffeur van je eigen leven.’

Samenwerken voor maatwerk

Na de intake bij DNK start het programma. Eerst in kleine groepen en daarna individueel. De jongeren krijgen verschillende lessen. En ze hebben gesprekken met maatschappelijk werk, met een trainer coach, met een trajectbegeleider. En met het Jongerenloket. Janes spreekt de jongens voor het eerst op de eerste dag van de instroomfase, na de intakeperiode bij Roy. Dan gaat het vooral over de aanvraag van een uitkering en wat je daarvoor moet doen, én laten. Janes vertelt daarover ‘De samenwerking tussen DNK en de gemeente is voor deze groep essentieel. En dat ik op locatie met die jongens kan praten in een voor hun veilige omgeving, helpt enorm. Ik weet als ambtenaar van de gemeente welke regels er zijn en hoe ik die moet toepassen. Maar maatwerk vraagt flexibiliteit. Ik maak keuzes hoe ik de regels en de dagelijkse praktijk van deze jongens het best op elkaar kan laten aansluiten. Ik kan altijd een beroep doen op informatie van DNK en dat maakt maatwerk mogelijk. Waar ik over praat met de jongens? Over van alles, maar de regel afspraak-is-afspraak komt altijd ter sprake. Je houdt je aan de afspraak met mij, maar ook aan de afspraken met DNK. Doe je dat niet, dan neem je een risico. Het kan gevolgen hebben voor je uitkering, maar ook voor het hele traject waar je aan begint. ‘

Roy vult aan: 'Na de eerste periode met groepsbijeenkomsten, begint het individuele traject. Dan hebben we vijf dagen per week een dagprogramma. Van half tien tot half drie ’s middags. We eten gezamenlijk. Om acht uur zijn we open, om negen uur staat er ontbijt op tafel voor wie dat wil. Om half tien begint de dag. Maar wie om 1 minuut over halftien binnenkomt, kan weer vertrekken. 'Probeer morgen nog maar een keer op tijd te komen.' zeggen we dan. En meestal lukt het dan wel. Ze weten deze regel van tevoren hoor, dus de meesten doen echt hun best om op tijd te zijn.’

Meebewegen is effectief

Omdat Janes regelmatig op locatie werkt bij NKD, kan hij de jongeren volgen in hun ontwikkeling. ‘Wij (DNK én gemeente) vragen maximale inzet van de jongens. Een postadres, en huisvesting regelen moeten ze echt zelf doen. Natuurlijk, ze krijgen hulp waar het nodig is. Maar ik blijf activeren en motiveren: 'Je bent hier niet vrijblijvend, want er staat iets tegenover een uitkering. Je moet echt zelf dingen doen om verder te komen.' Maar, alle regels zijn niet altijd even makkelijk te volgen. En vaak zijn ze alle formulieren al helemaal zat. Ik moet meebewegen als de situatie erom vraagt. Een korting op de uitkering werkt niet altijd, dus je bekijkt per persoon wat het beste is. We maken het hanteerbaar voor de jongeren, niet voor de aardigheid maar omdat het effectief is. Deze samenwerking is gebouwd op een gezamenlijk idee: we willen dat het goed komt met deze jongens.

Aan tafels zitten regisseur team Garantiebanen Sharon Rijsdijk (W&I) en jongerenconsulent Jeroen Beekmans (MO). Samen zetten zij zich in om bemiddelbare jongeren met een arbeidsbeperking, die staan ingeschreven bij het Jongerenloket, aan een garantiebaan te helpen. Ze vertellen over hun unieke samenwerking.

Jongerenconsulent Jeroen heeft sinds november 2019 een dedicated rol om jongeren met een arbeidsbeperking te bemiddelen naar een garantiebaan. Hij bepaal in eerste instantie of een jongere klaar is voor een garantiebaan. De intake doen Sharon en Jeroen samen. Volgens Jeroen is de kracht van de samenwerking dat de lijntjes kort zijn. Daardoor pikken ze signalen snel op en kunnen ze snel schakelen. Sharon vult hem aan: ‘Omdat ik bij de intake ben, kennen de jongeren me al als Jeroen het stokje aan mij overdraagt. En ze hoeven geen dingen twee keer te vertellen. De jongeren hebben vaak al veel meegemaakt en veel begeleiders gehad. Door onze gezamenlijke betrokkenheid krijgen we vertrouwen en dat werkt positief.’

Kijken naar de mogelijkheden

Sharon werkt voor het WerkgeversServicePuntRijnmond. Samen met twee collega’s bemiddelt ze jongeren, die niet zelfstandig het minimumloon kunnen verdienen, naar garantiebanen. Die zijn bedoeld om mensen met een arbeidsbeperking werkervaring te laten opdoen en zo te laten uitstromen naar betaald werk. Volgens Sharon gaat het in de samenwerking vooral om jongeren die extra begeleiding nodig hebben bij het vinden en behouden van werk. ‘We kijken daarbij naar de jongere en naar zijn mogelijkheden. Op basis van die mogelijkheden en de openstaande vacatures maken we een passende match. Door een jongere beter te leren kennen en met de informatie die ik van Jeroen krijg, kan ik maatwerk leveren.’

Schakel

Jeroen vult Sharon aan: ‘Ik ben de schakel tussen het Jongerenloket en de garantiebanen. Dat houdt in gemotiveerd zijn, werknemersvaardigheden hebben, zoals op tijd komen en afspraken nakomen, minimaal 12 uur per week inzetbaar en coachbaar zijn. Ik heb daar een goede radar voor, vanwege mijn eerdere werkervaring als jobcoach. Ik kijk niet zozeer naar de arbeidsbeperking maar naar wat jongeren wél kunnen. We spelen in op positieve ervaringen en hobby’s. Zo had ik een jongen die al lang thuis zat. Hij had geen idee wat hij wilde en was moeilijk in beweging te krijgen. Hij bleek ooit een leuke stage te hebben gelopen bij Dirk van den Broek. Bij Albert Heijn aan de slag als vakkenvuller leek hem wel wat. De proefplaatsing was een succes en hij werkt er nu voor vast. Hij blij, zijn ouders blij.’ Sharon: ’Daarom zijn doorvragen en navragen zo belangrijk. Soms geven jongeren sociaal wenselijke antwoorden, maar als je doorvraagt blijkt het toch anders te liggen. Een cv is een goede basis voor een gesprek. Maar ik kijk verder. Wat vind je leuk, wie ben je als persoon? Voor een duurzame plaatsing moet je naar de intrinsieke motivatie kijken.’

Gelijk bespreken

Jeroen: ‘Stel dat bij een proefplaatsing een jongere steeds te laat komt. Dan bespreken we gelijk: hoe komt dat, wat kunnen we eraan doen? Als je niet snel handelt, wordt zo’n proefplaatsing geen succes. En dat is toch ons gezamenlijke doel: zoveel mogelijk duurzame plaatsingen voor elkaar krijgen.’ Sharon: ‘Zo hadden we een proefplaatsing in de groenvoorziening. Ik kreeg een signaal: het loopt niet lekker. Hij is vaak te laat, meldt zich vaak ziek. Met zo’n signaal ga in naar Jeroen. Die onderneemt dan gelijk actie. Hij belt de jongere en zijn begeleider: wat is er aan de hand? Hoe kunnen we zorgen dat hij op tijd komt? We maken het probleem direct bespreekbaar. Vaak heeft een jongere toch een ander beeld van zijn eigen gedrag.’ Jeroen: ‘Je merkt dat jongeren met een verstandelijke beperking – en dat is het grootste deel van de doelgroep – vaak de consequenties van hun gedrag niet overzien. Wij willen achterhalen wat er aan de hand is. Daarom is in gesprek blijven zo belangrijk. Soms helpt het al als de begeleider van een woongroep iemand helpt de wekker te zetten.’

Tweede kans

Vertrouwen en betrokkenheid zijn volgens beiden essentieel. Jeroen: ‘Zo stuur ik iemand op zijn eerste werkdag altijd een appje om hem succes te wensen. Daarmee laat ik zien dat ik betrokken ben en meeleef. In contact met jongeren stel ik me benaderbaar op, zodat de jongeren voelen: ik kan mijn verhaal kwijt. Je moet goed kunnen luisteren en niet alleen willen zenden. En je moet mensen een tweede kans gunnen.’ Sharon: ‘En soms een derde of vierde … Waar die grens ligt is persoonlijk. Als ik iemand steeds niet kan bereiken en hij komt niet op afspraken en is niet gemotiveerd; op een gegeven moment is het klaar. Ik heb in de loop van de tijd geleerd dat ik ook grenzen moet stellen. Soms zijn mensen gewoon nog niet bemiddelbaar en moeten ze eerst aan hun vaardigheden werken.’

Hebben de twee nog een boodschap voor collega’s en samenwerkende partners? Jeroen reageert gelijk: ‘Zoek vooral de verbinding. Zoek elkaar op, bespreek casussen met elkaar. Want samen bereik je meer.’ Sharon richt zich liever tot werkgevers: ‘Kijk naar iemands mogelijkheden. Hoe kun je iemand in je bedrijf een kans geven? Nog niet iedereen weet wat een garantiebaan is of is op de hoogte van de voorzieningen. Leer van anderen en zorg dat je goed geïnformeerd wordt.’ Samen zijn ze het erover eens: hun werk is altijd maatwerk. Maar betrokkenheid en vertrouwen zijn er altijd.

Aan tafel zitten Chayenne Oron en Iris in ’t Veld. De eerste is Jongerenconsulent bij het Jongerenloket met ex-detentie als specialisme. Iris is behandelaar bij Fivoor. Hun gezamenlijke doelgroep is jongeren tussen de 12 en 23 jaar, die met justitie in aanraking zijn geweest. Ze vertellen over hun samenwerking aan de hand van een casus.

Laten we hem Jeffrey noemen. Negentien jaar, geboren en getogen op Zuid. Hij pleegde een gewapende straatroof en zat een paar maanden in de gevangenis. Inmiddels is hij weer vrij en staat onder toezicht van de reclassering. In zijn vonnis staat dat hij een behandeling bij Fivoor moet volgen. Jeffrey heeft last van woedeaanvallen. Bovendien heeft hij een licht verstandelijke beperking. Iris: ‘Jeffrey zit bij mij in therapie om onder andere te werken aan zijn gedragsproblemen. Het begint met de intake. Daar staat de vraag centraal: wat heeft Jeffrey nodig om een zelfstandig leven op te kunnen bouwen? De basis op orde noemen we dat. Inkomsten, opleiding of werk, huisvesting, maar ook mentale en psychische stabiliteit.’

Gefrustreerd

Door zijn detentieverleden komt Jeffrey bij het Jongerenloket in het specialistisch team ex- detentie van Chayenne terecht. Zij voert ook een intakegesprek met hem. Chayenne: ‘Iris daar op verzoek van Jeffrey bij. Omdat hij bij haar in therapie zit, heeft hij een vertrouwensband met haar. Dat maakt het gesprek een stuk makkelijker voor iedereen.’ Iris: ‘Ik help hem dingen te verwoorden en ‘vertaal’ lastige informatie voor hem. Hij raakt gefrustreerd door al die regels en regeldingen. Door mijn band met hem kan ik hem makkelijker overtuigen dat het echt nodig is om zaken te regelen. Bovendien zorgen Chayenne en ik zo dat we allebei dezelfde informatie hebben en niet tegen elkaar kunnen worden uitgespeeld.’ Chayenne: ‘Je kunt zeggen dat ik binnen wettelijke kaders werk en Iris niet. Hierdoor kan Iris meer aansluiten op de belevingswereld van Jeffrey. Dat geeft ook onze samenwerking goed weer. Ik ben van dienstverlening en van de afspraken die voortkomen uit de Participatiewet. Terwijl Iris zorgverlener is en bemiddelt. Zo komen we samen het verst.’

IJkpunt

Afhankelijk van de casus en de zorgproblematiek worden er vervolgafspraken gemaakt. Chayenne belt steeds eerst met Iris om te vragen hoe het gaat met de begeleiding en behandeling. Houdt Jeffrey zich aan zijn afspraken, slaat de behandeling aan, is hij gemotiveerd? Omdat hij nog steeds bij Iris in behandeling is, weet zij het beste hoe het gaat. Chayenne: ‘Iris is steeds mijn ijkpunt in het hele proces. Daar zit de kracht van onze samenwerking.  We hebben veel en nauw contact. De lijntjes zijn kort.’ Iris: ‘En ik kan Jeffrey beter ondersteunen als ik weet wat er bij Chayenne speelt en wat er van hem verwacht wordt. We hebben een gemeenschappelijk doel: zorgen dat Jeffrey zijn basis op orde krijgt en niet terugvalt in crimineel gedrag. Als dat lukt, kan hij gaan werken aan een stabiel leven.’

Verschillende invalshoeken

Nog tips voor collega’s? Iris: Overleg eerst samen tijdens evaluatiemomenten. Door een casus vanuit verschillende invalshoeken te bekijken, snap je elkaar standpunten en beslissingen ook beter. Chayenne weet er ook nog wel een. ‘Neem contact op met degene die het dichtst bij de cliënt staat. In dit geval Iris dus. Dat voorkomt verkeerde beslissingen.’