Bomen
Gepubliceerd op: 15-12-2016
Geprint op: 15-12-2018
https://www.rotterdam.nl/wonen-leven/bomen/
Spring naar het artikel

In de stad staan ruim 160.000 bomen. Ze staan in straten, op pleinen, langs wegen en singels en in plantsoenen en parken. In natuurlijke groenstroken en stukken bos groeien nog eens 450.000 bomen. Samen is dat meer dan 1 boom per inwoner!

In Rotterdam zijn meer dan 700 verschillende soorten bomen te vinden. Er is zelfs een boom naar de stad vernoemd, de acer pseudoplatanus 'Rotterdam'. Meer weten over de Rotterdamse bomen? Bekijk het historisch overzicht in vogelvlucht.

Rotterdam heeft ook een aantal monumentale bomen. Daarvan zijn de bomen in het Centrum opgenomen in een 1,5 uur durende wandelroute langs 22 bomen met een verhaal.

Bomennieuws

Een groep van zestien iepen verhuist van de Ankie Verbeek Ohrlaan in Hillegersberg-Schiebroek naar Overschie. De volwassen bomen worden op een dieplader naar hun nieuwe bestemming gebracht.

De iepen maken deel uit van een groep van 34 iepen aan de Ankie Verbeek Ohrlaan. De bomen zijn in goede conditie, maar kunnen door de aanleg van de A16 niet op deze plek blijven. Rijkswaterstaat en de gemeente Rotterdam onderzochten de mogelijkheid de bomen te verhuizen. Voor het grootste deel van de bomen vonden we een andere bestemming.

Zestien iepen uit Schiebroek zijn van harte welkom bij nieuwbouwproject De Entree aan de Burgemeester Josselin de Jonghlaan. De volwassen iepen geven de buurt straks een groen aanzien en dragen bij aan een prettige woonomgeving. Eén iep verhuist naar de Veerhaven.

Dertien iepen gaan naar het bomendepot van de gemeentelijke stadskwekerij. Hun verblijf daar is van tijdelijke aard. Na twee of drie jaar kunnen zij op een andere plaats in de stad geplant worden. Zo worden de bomen behouden voor de stad. De overige iepen zijn in slechte conditie. Een verhuizing zouden zij niet goed doorstaan. Deze bomen zullen worden gerooid. Het hout wordt gebruikt om nieuwe producten van te maken.

De verhuizing van de iepen is een mooi voorbeeld van circulair werken in de buitenruimte. En van behoud van bomen in de stad.

Belangrijk voor de stad

Bomen zijn belangrijk voor Rotterdammers en de stad. Ze geven de stad sfeer, karakter en kleur. De Rotterdamse bomen brengen natuur in de stad en hebben een gunstig effect op het stadsklimaat.

Stadsbomen hebben het niet gemakkelijk. Ze worden gemiddeld maar half zo oud als bomen in een bos. Het klimaat in de stad is vrij extreem in vergelijking met het bos. Ook is in de stad de bodem vaak sterk verdicht. De groeiplaats is te klein, de omgeving stoffig en droog. En graafwerkzaamheden worden vlakbij de wortels uitgevoerd. Jaarlijks hoogt de gemeente vele kilometers straat op. Helaas lukt het niet altijd om de bomen bij straatophoging te sparen.

De gemeentelijke bomenexperts houden de bomen goed in de gaten. Ze controleren de groei en ontwikkeling van de bomen en bepalen de onderhoudsbehoefte. Waar en wanneer moeten de bomen worden gesnoeid? Bomen gevoelig voor ziekten of die een aanrijding of straatophoging hebben doorstaan, krijgen extra aandacht. Bekijk ook het groenonderhoud in Rotterdam.

Boomziekten

Net als mensen kunnen bomen ook ziek worden of ergens last van hebben. De meest voorkomende ziekten bij Rotterdamse bomen zijn:

Deze ziekte, een aantasting van paardenkastanjes, verspreidt zich over heel Nederland. Bomen krijgen bruine vlekken op de stam en 'bloeden' donker vocht. De aantasting leidt tot baststerfte en soms tot sterfte van de boom. Waarschijnlijk is een bacterie uit de groep van Pseudomonas syringae de oorzaak. Alleen als er veiligheidsrisico's zijn voor het verkeer of gebruikers van de weg kapt de gemeente een zieke boom. Alle bomen met kastanjeziekte worden een paar keer per jaar gecontroleerd op de mate van besmetting.

Bomenexpert Ronald Loch van de gemeente houdt de bomen en de ontwikkeling van de kastanjeziekte goed in de gaten. Bekijk het nieuwsitem van Open Rotterdam op You Tube.

De schimmels ophiostoma ulmi (buism.) Nannf. en syn. ceratocystis ulmi (buism.O C. Moreau zijn de oorzaak van deze ziekte onder iepen. De eerste vorm van de ziekte is waarschijnlijk afkomstig uit Oost-Azië. In 1918 werd de ziekte voor het eerst geconstateerd in Noord-Brabant.

Iepziekte ontstaat door zeer besmettelijke schimmelziekte die de iepenspintkever verspreidt. Tijdens de zomermaanden vliegt de iepenspintkever rond, op zoek naar een iep om zich voort te planten. Zij boort zich door de bast en zet haar eitjes af. Na het uitkomen van deze eitjes duurt het, afhankelijk van het weer, ongeveer twee tot drie weken voordat jonge kevertjes uitvliegen. Zij zijn met de iepenziekteschimmel besmet en kunnen gezonde iepen aantasten.

Na besmetting raken de houtvaten verstopt en sterft de boom af. De iepziekte is zeer besmettelijk; ook dood hout (zoals meegenomen brandhout) kan een besmettingshaard zijn. Iepen waarbij de ziekte is geconstateerd worden daarom altijd gerooid om besmetting te voorkomen. Het gekapte hout moet bovendien altijd volgens bepaalde voorschriften worden verwerkt. De voorwaarden worden genoemd in de Algemene Plaatselijke Verordening onder artikel Artikel 4:11j.

Bestrijding iepziekte.

Het iepenbestand in Rotterdam wordt jaarlijks gecontroleerd op deze ziekte. Om te voorkomen dat gezonde bomen het krijgen worden ze ingeënt. Het is te vergelijken met een griepprik. Dat seizoen kunnen de iepen de ziekte niet krijgen.

De gemeente Rotterdam doet mee aan een landelijke proef met nieuwe resistentere iepsoorten. Zo dragen wij bij aan een groene stad, ook op lange termijn.

De massariaziekte (veroorzaakt door een schimmel) zorgt voor snel optredende houtrot in takken van platanen. Daardoor kunnen takken gemakkelijk afbreken, wat weer ernstige problemen voor de openbare veiligheid kan opleveren. Om die reden worden diverse platanen gecontroleerd op massaria. Waar nodig worden diverse takken uit de bomen gesnoeid om veilig gebruik van de weg te garanderen.

In mei/juni zijn er in de stad Rotterdam sommige soorten bomen enkele weken ingepakt in een zijdeachtig spinsel. Op de bomen zit dan tientallen en soms zelfs honderden rupsen van de spinselmot. Deze rupsen eten dan alle bladeren van die bepaalde boomsoort op. De rupsen van de spinselmot zijn te herkennen aan hun geelgroen of geelachtige kleur met donkere stippen. Wanneer de rupsen zich volgegeten hebben spinnen ze zich in dichte cocons. In juli komen uit deze cocons de spinselmotjes. In rotterdam zijn al jarenlang plekken, zoals in Charlois en IJsselmonde, waar deze mot een plekje vindt om zichzelf voort te planten. Ervaring van de gemeente is dat zelfs als de bomen helemaal kaal worden gevreten, ze meestal volledig herstellen. Tot nu toe bestrijdt de gemeente Rotterdam deze rupsen niet. De aanwezige spinselmot is namelijk niet gevaarlijk is voor de gezondheid.

In 2007 is de eikenprocessierups voor het eerst waargenomen in Rotterdam. Eerder was hij al gesignaleerd in Zuid- en Oost-Nederland. De rups vormt een gevaar voor de gezondheid door zijn brandharen. Die worden door de wind verspreid en kunnen jeuk, uitslag of zwellingen bij voorbijgangers veroorzaken. De dieren zijn larven van de nachtvlinder en gaan groepsgewijs - in processie - op zoek naar voedsel. Ze komen vooral voor op zomereiken. De gemeente bestrijdt de rupsen op gemeentelijke bomen in de risicogebieden, zoals langs drukbezochte fietspaden in parken. Heeft u ook eikenprocessierupsen gezien? U kunt dit in de maanden dat de rups voorkomt, melden via telefoonnummer 14 010. Of via het meldingenformulier  onder de categorie bomen.

 

Meer informatie

Op de website van de GGD vindt u meer informatie over de eikenprocessierups

De rupsen van de buxusmot zijn te vinden in buxushagen. Zij tasten de bladeren van de haag aan. Buxus is een kleine struik, die vaak als haag wordt gebruikt. De rupsen die gesignaleerd zijn in verschillende Rotterdamse tuinen kunnen de bladeren in enkele dagen tijd compleet wegvreten. Het gevolg: schade aan de buxushagen. De schade is helaas onomkeerbaar en onherstelbaar.

De gemeente pakt de buxushagen in de tuin van de Stadhuis, in Schoonoord en de Oudhollandse tuin in Het Park bij de Euromast aan. Zo voorkomen we dat de buxusmot daar veel schade veroorzaakt. De rupsen worden bestreden met een erkend biologisch bestrijdingsmiddel. Omdat er meerdere generaties rupsen actief kunnen worden, is wellicht herhaling nodig.

De buxusmot kan ook in particuliere tuinen voorkomen. We willen verspreiding van de eitjes, rupsen en poppen zo veel mogelijk vermijden. Daarom kunt u de afgeknipte takken of de verwijderde plant(en) het beste in een afgesloten zak in de restafvalcontainer doen.

Aangetaste buxus mag niet bij het gft-afval. Het gft-afval wordt namelijk gecomposteerd en de buxusmot kan in verpopte vorm het composteerproces overleven. De aangetaste takken en planten kunnen ook in gesloten afvalzakken als restafval worden aangeboden bij een van de Rotterdamse milieuparken.

Bomendepot

Bomen moeten soms wijken als gevolg van werkzaamheden. De bomen die verplant kunnen worden, krijgen een bestemming binnen een project of ergens anders in de stad. Is er niet direct een nieuwe plek voor een te verplanten boom, dan verzorgen we de boom in het bomendepot. Voordat de bomen een nieuwe plek in de stad krijgen, blijven ze een jaar of drie in het bomendepot. Zo kunnen ze op hun gemak herstellen.

Vervangen van bomen

Jaarlijks worden dode bomen gerooid. Dat gebeurt uit voorzorg om onveilige situaties te voorkomen.  De werkzaamheden vinden plaats in de periode november tot en met maart 2018. Op de Rotterdamse bomenkaart  kunt u zien om welke bomen het gaat. En of er een nieuwe boom voor terug komt.

In de hele stad controleert de gemeente de bomen daarnaast geregeld door de zogenaamde ‘zorgplicht’. Ook dan kan er aanleiding zijn om zieke bomen uit voorzorg te snoeien en te rooien.

Kapvergunning

Wilt u een boom verwijderen, verplaatsen of sterk snoeien? Dan heeft u mogelijk een omgevingsvergunning nodig. Doe de Vergunningcheck en zie meteen of u een vergunning nodig heeft:

Aangevraagde en verleende omgevingsvergunningen kunt u bekijken op deze kaart: