Spring naar het artikel

Een bijstandsuitkering vult uw eigen inkomsten aan tot het normbedrag dat voor u geldt. Dus hoe hoger uw eigen inkomsten, hoe lager de uitkering.

U dient online de aanvraag in met uw DigiD.

Download de 010werkt-app. Dan weet u altijd over hoeveel dagen uw uitkering wordt gestort.

Maand Geld op rekening Datum uitkeringsspecificatie
januari 2018 woensdag 24 januari donderdag 25 januari
februari 2018 vrijdag 23 februari donderdag 22 februari
maart 2018 vrijdag 23 maart donderdag 22 maart
april 2018 dinsdag 24 april donderdag 26 april
mei 2018 donderdag 24 mei donderdag 24 mei
juni 2018 vrijdag 22 juni donderdag 21 juni
juli 2018 dinsdag 24 juli donderdag 26 juli
augustus 2018 vrijdag 24 augustus donderdag 23 augustus
september 2018 dinsdag 25 september donderdag 27 september
oktober 2018 woensdag 24 oktober donderdag 25 oktober
november 2018 vrijdag 23 november donderdag 22 november
december 2018 vrijdag 21 december donderdag 20 december

U heeft uw DigiD nodig.

U hoort binnen acht weken of u een uitkering kunt krijgen. U ontvangt daarvan een besluit. Als u het niet eens bent met het besluit, kunt u bezwaar maken.

Om een bijstandsuitkering aan te vragen moet u:  

  • in Rotterdam wonen en ingeschreven staan in de Basisregistratie personen
  • 18 jaar of ouder zijn en de AOW-leeftijd nog niet hebben bereikt
  • onvoldoende inkomen of eigen vermogen hebben
  • geen kans maken op een andere uitkering
  • rechtmatig in Nederland verblijven
  • kunnen bewijzen dat u alles heeft gedaan om aan het werk te komen.

Kijk voor meer informatie bij de veelgestelde vragen onderaan deze pagina.

Wilt u iemand anders uw aanvraag laten indienen dan kan dit alleen met de officiële machtiging (pdf) aanvraag uitkering. Aanvragen die niet met dit formulier zijn ingediend, worden niet in behandeling genomen.

U dient uw aanvraag in met uw DigiD (27 jaar of ouder). Dan krijgt u eerst vier weken zoektijd. Dit heet de inspanningsperiode.

In die tijd voert u de acties uit die u samen met de werkconsulent heeft afgesproken. Hiervoor gebruikt u het inspanningsplan (pdf) dat u tijdens uw eerste gesprek heeft gekregen. Die acties kunnen gericht zijn op:

  • vinden van onderwijs en/of betaald werk
  • aanvullen inkomensgegevens
  • maken van afspraken met instanties

U moet daarna kunnen bewijzen dat u in die vier weken genoeg heeft gedaan om deze acties uit te voeren. In het inspanningsplan leest u meer over het verdere verloop.

Heeft u nog vragen, dan kunt u contact opnemen.

Na een echtscheiding moeten partners voor elkaar en eventuele kinderen blijven zorgen. Dat kan door mee te betalen aan de kosten voor levensonderhoud. Dat heet alimentatie.
Als een partner voor de ander bijvoorbeeld huur of energiekosten betaalt, dan heet dat 'alimentatie in natura'.

De onderhoudsplicht geldt voor:
- getrouwde en geregistreerde partners
- ex-partners
- ouders en kinderen.

Er zijn twee vormen van alimentatie: kinderalimentatie en partneralimentatie.

  • Kinderalimentatie
    De basis bij het vaststellen van kinderalimentatie is te zorgen dat uw kind er zo min mogelijk op achteruitgaat. U spreekt samen met uw ex-partner de hoogte van de kinderalimentatie af. De rechter toetst of deze niet te laag is. Spreekt u niets af, dan bepaalt de rechter de hoogte van het bedrag.
  • Partneralimentatie
    Partneralimentatie komt voor, als de inkomens van beide partners behoorlijk verschillen. U bent vrij om samen met uw ex-partner afspraken te maken over de duur en de hoogte. Lukt het u niet samen afspraken te maken over de alimentatie, dan beslist de rechter daar over.

Als u of uw ex-partner na de scheiding een bijstandsuitkering aanvraagt, dan onderzoekt de gemeente of de alimentatie redelijk is.

Bij het vaststellen van de hoogte van een uitkering houdt de gemeente rekening met alimentatie.

Alleen als u binnen de gemeente verhuist, kunt u uw uitkering houden. Als u verhuist naar een andere gemeente eindigt uw uitkering. U moet uw uitkering opnieuw aanvragen in de gemeente waar u naartoe verhuist.

Als u door een noodgeval in plotselinge financiële problemen komt, kunt u een voorschot aanvragen (overbrugging) voor de meest directe levensbehoefte (broodnood).

Als uw inkomen niet iedere maand hetzelfde is, geeft u de hoogte van uw inkomen maandelijks door via het wijzigingsformulier. Dit kan zijn omdat u bijvoorbeeld wekelijks of maandelijks meer of minder uren werkt. De gemeente verrekent de hoogte van uw salaris met uw uitkering achteraf.

Het wijzigingsformulier vindt u op het informatieblad wijzigingen doorgeven (pdf). Het informatieblad bevat een uitgebreide toelichting op het doorgeven van wijzigingen.

Wijzigingen geeft u door via het wijzigingsformulier. Het kan ook persoonlijk aan de balie van de locatie of de afdeling waarmee u contact heeft. Zorg dat u altijd bewijsstukken meestuurt.

De gegevens stuurt u op naar:
Postbus 1024,
3000 BA  Rotterdam.

In het informatieblad wijzigingen doorgeven (pdf) vindt u het wijzigingsformulier en een uitgebreide toelichting op het doorgeven van wijzigingen.

Op de pagina wijzigingen doorgeven vindt u ook voorbeelden van wijzigingen.

Als uw inkomen niet elke maand hetzelfde is, geeft u de hoogte elke maand door via het wijzigingsformulier. De gemeente verrekent de hoogte van uw inkomen achteraf met uw uitkering.

U kunt ook bijstand aanvragen als u in een eigen huis woont, zonder dat u het huis hoeft te verkopen. Ook als u een eigen woonboot bezit, kunt u in aanmerking komen voor bijstand. Een belangrijke voorwaarde is dat u de woning of de woonboot zélf bewoont en dus niet verhuurd heeft. Bij verhuur van de woning of woonboot kunt u die verkopen. Dan kunt u van de opbrengst een bepaalde periode leven.

Wanneer u de woning of woonboot zelf bewoont, bekijkt de gemeente Rotterdam of u in aanmerking komt voor een krediethypotheek. De bijstandsuitkering wordt als lening gegeven, in de vorm van een krediethypotheek.
Een krediethypotheek is een hypotheek die de gemeente Rotterdam op uw woning neemt. De gemeente Rotterdam neemt alleen een hypotheek op uw woning als er sprake is van overwaarde. Overwaarde is het verschil tussen uw hypotheekschuld en het bedrag dat uw woning momenteel waard is.

Om te bepalen of er sprake is van overwaarde wordt uw woning door een beëdigd makelaar getaxeerd. Deze bepaalt ook of u voor een krediethypotheek in aanmerking komt. De makelaar wordt door de gemeente Rotterdam in overleg met u aangewezen. De makelaar bepaalt de huidige waarde van uw woning.

Van de getaxeerde waarde wordt vervolgens een aantal bedragen afgetrokken:

  • het bedrag van uw hypotheek dat nog niet is afgelost. Het gaat hierbij om uw normale hypotheek, die u bij een bank hebt lopen.
  • een vrij te laten bedrag.

Het bedrag dat na deze berekening overblijft, beschouwt de gemeente Rotterdam als restoverwaarde op uw woning. Voor het bedrag van deze restoverwaarde wordt een krediethypotheek afgesloten en betaalt de gemeente uw uitkering. U krijgt uw uitkering dus in de vorm van een lening. Met andere woorden: u betaalt uw eigen uitkering van de restoverwaarde van uw woning.

Rekenvoorbeeld

In de woning of woonschip gebonden vermogen In de woning of woonschip gebonden vermogen
Taxatie woning +/ € 150.000 Taxatie woning +/ € 150.000
Restant hypotheekschuld - € 130.000 Restant hypotheekschuld - €  75.000
Overwaarde = €  20.000 Overwaarde = €  75.000
Vrijlating woning - €  50.800 Vrijlating woning - €  50.800
Restoverwaarde = Nihil Restoverwaarde = €  24.200
Conclusie Geen krediethypotheek Conclusie Krediethypotheek voor € 24.200

Heeft u een eigen woning en bijstand nodig, neemt u dan contact op met de afdeling Werk en inkomen. Een medewerker van Werk en inkomen kan u verder informeren.

Kunt u buiten uw schuld gegevens niet laten zien, laat dit dan direct bij de aanvraag weten. U krijgt dan de tijd om die gegevens te zoeken of aan te vragen.

Die tijd wordt wel bij de aanvraagtermijn van acht weken opgeteld. Houd er dus rekening mee dat u langer zonder geld zit. U kunt eventueel een voorschot aanvragen.

Als achteraf blijkt dat u de gegevens wél had en bijstand hebt ontvangen, dan moet u de uitkering terugbetalen.

Als u een bijstandsuitkering aanvraagt kijkt de gemeente Rotterdam naar uw bezittingen. U mag namelijk niet teveel eigen bezit hebben. Bezit is hetzelfde als vermogen.

Het vermogen van thuiswonende kinderen jonger dan 18 valt hier ook onder.

Voorbeelden van vermogen zijn:

- huis, bedrijf of grond in het buitenland
- woonboot of caravan
- onverdeelde boedel
- contant geld
- spaarloonregeling
- levensverzekering
- spaargeld
- aandelen
- antiek
- auto of ander motorvoertuig
- sieraden en waardevolle verzamelingen

De normale spullen die bijna alle mensen in huis hebben, horen niet bij het vermogen. Voorbeelden hiervan zijn een wasmachine of televisie. Ook bezittingen die dringend nodig zijn (bijvoorbeeld een aan uw handicap aangepaste auto) worden niet als vermogen gezien.

Als u AOW heeft, kan een reservering voor begrafenis of crematie soms ook niet tot het vermogen worden gerekend.

U mag vermogen hebben tot een bepaald bedrag. Dit heet 'vrij te laten vermogen'.

De maximale waarde van dit vermogen is in 2018:

  • voor gezinnen en alleenstaande ouders:   12.040 euro
  • voor alleenstaanden:                                   6.020 euro
  • max vrijlating waarde eigen woning:       50.800 euro

De gemeente Rotterdam berekent uw vermogen op het moment dat u een uitkering aanvraagt. Een gedeelte van uw vermogen wordt vrijgelaten.

  • Op de eerste plaats houdt de gemeente rekening met de landelijk vastgestelde vrijlatingsbedragen. Als u schulden hebt, trekt de gemeente die van uw vermogen af.
  • Heeft u voor toekomstige begrafenis- of crematiekosten een bijzondere regeling getroffen? Dan gelden andere (extra) vrijlatingen. Per persoon mag u maximaal € 3.750 apart zetten voor uw uitvaartkosten. De waarde van een mogelijke uitvaartpolis telt mee bij de berekening van de maximale vrijlating.
  • Heeft u een eigen huis of een woonboot? Dan gelden daarnaast andere vrijlatingsbepalingen. Informeer hiernaar bij uw contactpersoon bij de gemeente.

Als u meer vermogen hebt dan het vrij te laten vermogen, dan krijgt u voorlopig geen uitkering. Pas als uw vermogen niet boven het vrij te laten vermogen uitkomt, kunt een uitkering krijgen.

Voorbeeld 1. Gezinnen en Alleenstaande ouders
Bij aanvang bijstand

Vermogen       €  8.000 Saldo bezittingen en schulden
Af. Vrij te laten
vermogen
-/-  €  12.040 Normbedrag vrij te laten
vermogen gezin en
alleenstaande ouders
Restant vrij te laten
vermogen
      €  4.040  

Uw vermogen is minder dan het vrij te laten vermogen. U kunt gewoon een uitkering krijgen.

Voorbeeld 2. Alleenstaanden
Bij aanvang bijstand
Vermogen       € 8.000    Saldo bezittingen en schulden            

Af. Vrij te laten
vermogen

-/-  € 6.020    Normbedrag vrij te laten vermogen alleenstaanden
Restant vermogen       € 1.980   

Uw vermogen is meer dan het vrij te laten vermogen. U krijgt daarom voorlopig geen uitkering. U krijgt pas een uitkering op het moment dat u dit geld op een verantwoorde wijze hebt opgemaakt. Een verantwoorde wijze wil zeggen dat u per maand ongeveer 1,5 maal de voor u geldende bijstandsnorm mag opmaken.

Als u een schenking, erfenis of geldprijs krijgt, kan dat gevolgen hebben voor uw uitkering. U moet dat doorgeven aan uw klantmanager bij de gemeente Rotterdam. 

De schenking, erfenis of geldprijs is extra vermogen en wordt bij uw eerder vastgestelde eigen vermogen opgeteld. Er wordt rekening gehouden met nieuwe schulden en waardeverminderingen. Wordt uw vermogen hierdoor groter dan het vrij te laten vermogen, dan moet u het meerdere eerst opmaken.

Als u te veel vermogen heeft, dan stopt uw uitkering totdat u dit geld op een verantwoorde wijze hebt opgemaakt. Dit wil zeggen dat u per maand ongeveer 1,5 maal het voor u geldende normbedrag mag opmaken.

Regelmatige schenkingen beschouwt de gemeente Rotterdam als extra inkomen. Daarvoor gelden aparte regels.

Voor de hoogte van de uitkering en uw vakantiegeld (genaamd vakantietoelage/VT)  is een speciaal informatieblad hoogte uitkering (pdf) beschikbaar.

Op uw uitkeringsspecificatie ziet u staan welk bedrag aan vakantiegeld voor u per maand wordt gereserveerd.
Het vakantiegeld wordt rond 25 mei van ieder jaar uitbetaald. Op de uitkeringsspecificatie van de maand mei ziet u welk bedrag aan vakantiegeld wordt uitbetaald.

Als de uitkering eerder wordt gestopt, wordt het tot dan gereserveerde vakantiegeld uitbetaald bij de beëindiging van uw uitkering .

Als een schuldeiser beslag heeft gelegd op uw uitkering dan gaat uw vakantiegeld naar de schuldeiser.

Nadat u uw bijstandsaanvraag heeft ingediend duurt het nog enkele weken voordat u uw eerste uitkering krijgt. De gemeente heeft acht weken de tijd om uw aanvraag te beoordelen. In die weken heeft u waarschijnlijk al kosten. U moet uw huur, uw verzekeringen en de boodschappen betalen. U kunt daarom een voorschot op uw uitkering krijgen.

Er zijn twee voorwaarden om een voorschot te krijgen:
• uw aanvraag voor een bijstandsuitkering moet compleet zijn (dus u moet alle gevraagde gegevens hebben ingeleverd) en
• het is bijna zeker dat u een bijstandsuitkering kunt krijgen. Als de gemeente grote twijfels heeft, krijgt u geen voorschot. Voldoet u bijvoorbeeld niet aan alle voorwaarden voor een bijstandsuitkering, maar heeft u toch een aanvraag ingediend?  Dan krijgt u het voorschot niet.

U hoeft niet speciaal om een voorschot te vragen. Nadat uw aanvraag bij de gemeente binnen is, wordt aan het einde van de vierde week automatisch bekeken of u recht heeft op een voorschot. U krijgt dan een bedrag van ten minste 90% van het bijstandsbedrag waar u waarschijnlijk recht op hebt. Tijdens de aanvraagprocedure heeft u nog geen beschikking gekregen. Dan krijgt u om de vier weken een voorschot.

U moet het voorschot altijd terugbetalen. Meestal houdt de gemeente het voorschot in één keer op de eerste bijstandsuitkering in.

Een maatregel is een korting op uw uitkering als u zich niet aan een door de gemeente opgelegde verplichting houdt. De hoogte van de korting kan verschillen. De eerste keer krijgt u over het algemeen 30% minder uitkering. Bij herhaling wordt dit 100%. De korting kan uiteenlopen van 30% tot 100%.

Bij het weigeren van een traject of baan, is de korting direct 100%. Dit betekent dat uw bijstand wordt gestopt en u aan het eind van de maand geen geld ontvangt. U moet zelf contact opnemen met de gemeente voor een nieuwe afspraak. Doet u dat niet, dan wordt uw uitkering definitief gestopt.

Als u een maatregel krijgt, staat dat in een maatregelbeschikking. Hier staat ook de naam en telefoonnummer van de medewerker aan wie u vragen kunt stellen. Als u het niet eens bent met de opgelegde maatregel kunt u een bezwaar indienen.

Bent u het eens met de beschikking en uw gedrag is gewijzigd, dan kunt u de maatregel laten herzien. Hiervoor kunt u het formulier aanvraag herziening maatregel (pdf) gebruiken.

Meer informatie vindt u in het informatieblad duidelijk voor elkaar (pdf)

In principe mag u met een bijstandsuitkering of IOAW-IOAZ uitkering tijdelijk buiten uw woonplaats in het binnen- of buitenland verblijven.

Kunt u zich tijdens uw afwezigheid niet aan uw sollicitatieverplichting, opleidings- en/of re-integratieafspraken met de gemeente houden?
Stemt u dan vooraf af met uw contactpersoon en uw eventuele opleider, trajectaanbieder of werkgever.

Is uw afwezigheid mogelijk? 

  • Geef uw afwezigheid door via het formulier melding verblijf-in binnen-of-buitenland (pdf).
  • Deze afwezigheid is voor maximaal 28 dagen.
  • De datum van vertrek telt niet mee en de datum van terugkomst wel.
  • Het formulier moet minimaal twee weken voordat u op vakantie gaat binnen zijn.
  • Weekenden en nationale feestdagen telt u ook mee.

Krijg ik voor mijn vertrek een reactie op mijn melding?
U kunt zelf bepalen hoe lang voor vertrek u dit meldt. Als u dit tot twee weken vóór vertrek doet, ontvangt u vooraf een brief of uw uitkering wordt doorbetaald. U krijgt altijd bericht als uw verblijf gevolgen heeft voor uw uitkering. U krijgt in ieder geval geen uitkering over de dagen dat u onterecht in het buitenland verblijft.

U hoeft zich bij terugkomst niet te melden, behalve als u eerder terugkomt dan opgegeven.

Via het online klachtenformulier kunt u een klacht indienen.