Bomen van 1650 tot nu
Gepubliceerd op: 15-12-2016
Geprint op: 16-01-2021
https://www.rotterdam.nl/wonen-leven/bomen-van-1650-tot-nu/
Ga naar de hoofdinhoud

Door de eeuwen heen zien we steeds meer bomen in het stadsbeeld. In het midden van de 17e eeuw groeien in de slappe, natte bodem van het polderlandschap vooral ‘pioniersoorten’ met korte levensduur. Bomen zoals els, wilg en populier.

Duurzame boomsoorten zoals de iep, kastanje en linde staan op de hoger gelegen kaden en dijken en langs grachten. Karakteristiek zijn de Boompjes, de Coolse Vest, de Schiedamse Vest en de Goudse Vest. De Boompjes dankt zijn naam aan de linden die hier in 1615 geplant zijn.

18e eeuw: ruimte schaars

In de dichtbebouwde binnenstad van rond 1770 was ruimte schaars. Er zijn maar weinig bomen. Als er ruimte vrijkomt, worden bomen geplant langs grachten, op kaden, in voorname lanen en langs singels. Het eerste openbare park verrijst: de Oude Plantage.

19e eeuw: singels en Het Park

Vanaf het midden van de negentiende eeuw groeit Rotterdam sterk. In de Engelse landschapsstijl worden singels aangelegd voor de hygiëne en voor ‘een aangename wandeling’. De tuinarchitect Zochers ontwerpt Het Park aan de Maas.

Begin 20e eeuw: sjieke lanen

Van het begin van de twintigste eeuw worden bomen in nieuwe wijken een vertrouwd verschijnsel. Vooral als aankleding van de 'sjieke' lanen, zoals de Mathenesserlaan, de Henegouwerlaan, de Heemraadssingel en de 's Gravendijkwal. Ook pleinen zoals het Burgemeester Hoffmanplein en het Noordplein zijn uit deze periode. In de smalle woonstraten worden nauwelijks bomen aangeplant.

Jaren ‘20: tuindorpen

In de jaren twintig van de vorige eeuw veranderen de stedenbouwkundige en planologische inzichten. In tuindorpen zoals Vreewijk en in andere wijken wordt structureel meer ruimte gereserveerd voor boombeplanting met een decoratieve waarde. Voorbeelden van bloesemdragende boomsoorten zijn de Japanse kers, de meidoorn en de sierappel.

Iepziekte in de jaren ‘30

Iepen bezitten bijna alle kenmerken van de ideale stadsboom. Helaas rukt de iepenspintkever op. Hierdoor vallen in het begin van de jaren ’30 tussen de 13.000 en 16.000 bomen ten prooi aan de iepziekte.

De oorlog: bommen en kachelhout

In de oorlog verdwijnen bijna alle bomen uit de stad: door het oorlogsgeweld en door de behoefte aan kachelhout. De voor velen bekende plataan op de Lijnbaan heeft de oorlog overleefd.

Wederopbouw

Direct na de oorlog begint Rotterdam met het planten van nieuwe bomen in de binnenstad. Vooral inheemse soorten worden toegepast, zoals de wilg, de populier en de els. Deze snelgroeiende soorten hebben een relatief korte omlooptijd. Op pleinen verschijnen verspreid staande bomen met decoratief blad.

Jaren ’70: bosplantsoen en volwassen bomen planten

In de jaren ’70 komt met het bosplantsoen een meer landschappelijk beeld in de stad terug. Veel bomen hebben te lijden van de overstap op aardgas: ruim 1.600 bomen bezwijken midden jaren ’70 door gaslekkages. Op grote pleinen en langs wegen in het centrum worden volwassen bomen geplant. Bijvoorbeeld op de Goudsesingel, het Pompenburg, de Blaak en het Kruisplein.

Kwaliteit en verplanten in de jaren ‘80

Eenvoudige straatinrichting is kenmerkend voor de jaren ’80. De variatie aan bomen neemt af. Kwaliteit krijgt de voorkeur boven kwantiteit. Bomen worden vervangen en voor waardevolle exemplaren worden zo nodig beschermende maatregelen genomen. Een nieuwe tendens is om bomen te verplanten als zij moeten wijken voor planologische wijzigingen. Maar lang niet alle bomen laten zich verplanten.

Jaren ’90: Opzoomeren

Met ‘Opzoomeren’ planten bewoners samen met de gemeente op 30 maart 1994 duizend bomen. Twee jaar later ontstaat er commotie in de stad over het rooien van bomen in bosplantsoenen. Ook is er positief nieuws: in Prins Alexander worden ruim 150 volwassen bomen met succes verplant naar de Hoofdweg. Enkele bomen komen naar de Coolsingel en het Beursplein.

Vanaf 2000: renovatie, groenjaar en meer groen in de binnenstad

Het Zuiderpark dateert uit de zestiger jaren en is een van de grootste stadsparken van Rotterdam. Vanaf 2000 is het park gerenoveerd en daardoor veel aantrekkelijker geworden voor vele gebruikers.

En verder

Sinds 2001 is er meer aandacht voor de hoeveelheid en kwaliteit van de Rotterdamse bomen. Groeiplaatsen van bomen zijn verbeterd, monumentale bomen staan onder scherpe controle. Iepen worden ingeënt tegen iepziekte en zieke of onveilige bomen vervangen.

Sinds 2006 heeft Rotterdam een bomendepot. Hier worden oudere bomen, die verplaatst zijn voor projecten, tijdelijk verzorgd en voorbereid op een nieuwe standplaats ergens anders in de stad. De eerste bomen in het bomendepot waren grote platanen die moesten wijken voor de bouw van het nieuwe Centraal Station. Inmiddels zijn deze bomen weer teruggeplant in de stad.

In het Groenjaar 2008 kreeg het Rotterdamse groen extra aandacht. Met nieuwe bomen, bijzondere activiteiten zoals het Nederlandse kampioenschap boomklimmen en vele groene verrassingen en groene innovaties voor een mooiere en groenere stad na 2008.

Vanaf 2009 is de Binnenstad vergroend. Aan de Coolsingel, de Westerkade, het Willemsplein, het Leuvenhoofd en de Boompjeskade is er veel groen bij gekomen. De groene vakken op de maaskades met veel vaste planten zijn ontworpen door de internationaal befaamde plantenexpert Piet Oudolf.

Het ruim 150 jaar oude Park bij de Euromast werd in 2010 een Rijksmonument. Sindsdien wordt er volop gerenoveerd. Zo worden oude waarden in 'Het Park' hersteld en zijn hedendaagse gebruiken zoals evenementen beter mogelijk.