Planschade
Gepubliceerd op: 08-03-2017
Geprint op: 25-05-2019
https://www.rotterdam.nl/wonen-leven/planschade/
Spring naar het artikel
Foto: gemeente Rotterdam

Er kan een planschadeverhaalsovereenkomst worden gesloten bij afwijking van het bestemmingsplan. Sinds een aantal jaren bestaat deze wettelijke mogelijkheid door artikel 6.4a van de Wet ruimtelijke ordening.

Vraagt u een omgevingsvergunning aan die niet past binnen de regels van het bestemmingsplan? Dan kan het college van B&W besluiten om van het bestemmingsplan af te wijken. De afwijking kan bijvoorbeeld zijn dat u hoger wilt bouwen dan het bestemmingsplan toestaat. Maar het kan ook gaan om het toestaan van een ander gebruik; bijvoorbeeld het gebruik van een pand als kantoor in plaats van als woning.

Gevolgen voor de omgeving

Wordt van het bestemmingsplan afgeweken, dan kan dit gevolgen hebben voor de omgeving. De buren kunnen bijvoorbeeld last krijgen van meer inkijk of minder zoninval in hun woning. Hierdoor kan de waarde van hun woning dalen. Deze financiële schade wordt wel planschade genoemd.

De Wet ruimtelijke ordening (vanaf artikel 6.1) biedt de mogelijkheid voor benadeelden om deze schade te verhalen op de gemeente. Ze doen dan een beroep op de regeling voor planschadetegemoetkoming. Het college van B&W kan de schade weer verhalen op de vergunninghouder die voordeel heeft van de afwijking van het bestemmingsplan. Dit doet het college door een planschadeverhaalsovereenkomst te sluiten (artikel 6.4a van de Wro).

Waarom een planschadeverhaalsovereenkomst?

Door het ontstaan van planschaderisico bij het afwijken van het bestemmingsplan en omdat alleen de vergunninghouder voordeel heeft van de afwijking van het bestemmingsplan, stelt de gemeente een planschadeverhaalsovereenkomst op. Dit gebeurt bij elke aanvraag omgevingsvergunning die afwijkt van het bestemmingsplan.

Niet ondertekenen

Wanneer de aanvrager de planschadeverhaalsovereenkomst niet ondertekent, kan dit aanleiding zijn om de omgevingsvergunning te weigeren. Wanneer het initiatief kan leiden tot een hoge planschadeclaim, die de aanvrager niet voor eigen rekening wil nemen, kan dat ook reden zijn voor de aanvrager om de aanvraag in te trekken. Het is ook mogelijk om de aanvraag zo aan te passen, dat deze geen of minder schade tot gevolg heeft.

Onderzoek planschaderisico

Een aanvrager kan de kans op planschade laten onderzoeken; bijvoorbeeld door een deskundig planschadeadviesbureau. Hierbij moet wel rekening worden gehouden met de termijn van de lopende procedure. Eventueel moet de aanvrager deze termijn laten verlengen.

Afdoening planschadeclaim

Een planschadeclaim kan door een belanghebbende worden ingediend. Dit moet binnen vijf jaar na het onherroepelijk worden van de nieuwe planologische maatregel (meestal de omgevingsvergunning). Als er een verzoek om tegemoetkoming planschade wordt ingediend, dan betrekt de gemeente ook de derde partij in de procedure. De derde partij is in dit geval degene die de planschadeverhaalsovereenkomst heeft ondertekend (meestal de vergunninghouder). Het college van B&W neemt uiteindelijk een besluit over het verzoek om planschade, waarbij het advies van een onafhankelijke planschadeadviseur wordt betrokken. Het bedrag aan planschade kan daarna worden verhaald op de derde partij.

Meer informatie

Voor meer informatie verwijzen wij u naar de pagina Tegemoetkoming planschade.