De 10 van 010
Gepubliceerd op: 11-06-2021
Geprint op: 27-09-2021
https://www.rotterdam.nl/wonen-leven/10-van-010/
Ga naar de hoofdinhoud

Zeven dieren en drie planten: zij staan dit jaar symbool voor de biodiversiteit in Rotterdam. Iedere maand staat een plant of dier centraal en vertellen we wat u kunt doen om deze soort, en de biodiversiteit in het algemeen, te helpen.

De gemeente heeft samen met haar partners in de stad deze '10 van 010' benoemd om de biodiversiteit in Rotterdam onder de aandacht te brengen en te verrijken.

De 10 van 010: heeft u ze al gezien?

In april startte de campagne 'de 10 van 010'. Deze 10 van 010 bestaat uit zoogdieren zoals de egel, de vos en de laatvlieger (vleermuis) en insecten zoals de rosse metselbij en de kleine vuurvlinder. De bloemen en planten die prijken op de lijst zijn de steenbreekvaren, de zwanenbloem en de zoete kers. De zanglijster representeert de vogels, en de snoek maakt de lijst af. Deze soorten staan symbool voor de biodiversiteit in de hele stad, van woonwijk tot havengebied, en van rivieroever tot (groen) dak. Samen vertellen ze het verhaal van de balans en samenhang tussen mens en natuur, en het belang van een (bio)diverse omgeving.

Doe mee!

Vanaf april ontmoet u iedere maand een nieuwe icoonsoort op uw balkon, in de tuin, of ergens in de stad. We vertellen u waarom deze soort belangrijk is voor de biodiversiteit van de stad, en wat u kunt doen om deze soort te helpen. Zo dragen we samen bij aan een biodiverse stad!

Wilt u meer weten over de tien icoonsoorten, en wat u kunt doen om ze te helpen? U vindt ze hieronder.

Op nummer 1 de rosse metselbij

Mei was de maand van de rosse metselbij. In de video hieronder vertelt onze stadsecoloog Olaf van Velthuijsen waarom bijen zo belangrijk zijn voor de biodiversiteit van de stad, en wat u kunt doen om deze soort te helpen.

Nummer twee is de zanglijster

In juni staat de zanglijster centraal. In de 10 van 010 staat de zanglijster symbool voor het belang van vogels voor de biodiversiteit in de stad. In dit interview vertelt boswachter Jochem Hagoort waarom de zanglijster zo belangrijk is voor de biodiversiteit, en wat u zelf kunt doen om deze soort te helpen.

Sfeermaker

De zanglijster is een echte sfeermaker, en kun je overal in de stad aantreffen. Behalve zijn prachtige geluid, heeft de zanglijster nog meer noten op zijn zang. Door wat hij eet heeft de zanglijster namelijk een belangrijke rol in het ecosysteem van de stad, bijvoorbeeld bij het voorkomen van pissebedden- en slakkenplagen.  

Gezellig

De zanglijster is misschien niet de bekendste vogel, maar wel een van de gezelligste. Hij is te herkennen aan zijn bruine rug, zijn bruine snavel en zijn grote variatie in zangmelodieën. Qua formaat en gedrag lijkt hij het meest op de vrouwelijke versie van de merel. Bij twijfel: zie je zwarte stippen op een witte buik, dan is het een zanglijster. Gele snavel? Merel.

Vroeg op

Wie de mooie melodieën van de zanglijster wil horen, moet vroeg uit de veren. In de ochtend- en avondschemering is deze vogel het meest actief. Meestal zingen ze in hoge bomen, dat kan in een bos of park zijn, maar ook gewoon in een straat, vertelt boswachter Jochem Hagoort. De vogels communiceren via zang over paringsdriften of hun territorium. Hagoort is een van de zes boswachters die in dienst van de gemeente de Rotterdamse flora en fauna bewaken en verzorgen. Lopend door het Kralingse Bos, heeft hij de zanglijster binnen no time gespot, op de grond. Daar hupt hij - net als de merel - rond op zoek naar voedsel: regenwormen, insecten, slakken.

Nestjes

Behalve aan een stek in de hoogte, heeft de zanglijster behoefte aan lage, dichte struiken en begroeiing op grondniveau. Om voedsel te zoeken, maar hij gebruikt het lage groen ook als schuilplek. De nesten zitten vaak laag in de bomen. De zanglijster bekleedt deze bouwwerkjes van binnen met een mengsel van speeksel, modder, houtmolm en soms… paardenpoep. Omdat het nest hard wordt, kan het worden hergebruikt. De zanglijster broedt tot drie keer per jaar.

Werkplaats

Ook typisch voor de zanglijster is het aanleggen van een 'smidse', een platte steen, vaak onder een struik, die de vogel gebruikt om slakkenhuizen hardhandig kapot te slaan. Als het huisje eenmaal kapot is, kan de zanglijster de slak er zo uit trekken. Hagoort: 'Als klein jongetje vond ik ooit zo’n steen met een berg slakkenhuisjes, die nam ik mee naar huis. Pas later realiseerde ik me dat het de werkplaats van een zanglijster was geweest.'

Behoud van groen belangrijk

Hoewel de zanglijster als soort niet bedreigd wordt, neemt de zanglijster in de steden wel af. De zanglijster kan alleen broeden in bossen, parken en dichtbegroeide tuinen. Bebouwing en steen zijn voor deze vogel niet geschikt. Hagoort wijst op de slakkenplagen die zouden ontstaan als deze vogel verdwijnt. 'Voor dit soort vogels zijn behalve de bossen en parken ook de groene stroken belangrijk, met zoveel mogelijk lage beplanting, we noemen dat bosplantsoen. Voor de zanglijsters zijn struiken met bessen het beste, want die eten ze ook. De gemeente zet in op het behoud van de groene plekken in de stad. Waar groen verdwijnt, wordt dit ook weer terug geplant.'

Wat kunt u zelf doen?

Wat kunnen Rotterdammers zelf doen om de zanglijster te beschermen? Allereerst kun je – als je die hebt - natuurlijk zorgen voor een groene, weelderige tuin. Een tuin rijk aan bomen en struiken is zeer aantrekkelijk voor vogels, inclusief de zanglijster. Plaats een paar platte stenen onder de struiken, die de zanglijster kan gebruiken voor de slakkenverdelging. Maar het belangrijkste, zo zegt Hagoort, is om geen chemische bestrijdingsmiddelen te gebruiken, zoals slakkenkorrels. 'Als de vogels die binnenkrijgen, kunnen de jongen sterven. Als je een moes- of volkstuintje hebt, gebruik dan natuurlijke bestrijdingsmiddelen. Dat is ook beter voor de kwaliteit van je voedsel.'

Nummer drie is de laatvlieger, oftewel de vleermuis.

Juli is de maand van de laatvlieger. Wilt u weten waarom vleermuizen zo belangrijk zijn voor de biodiversiteit in Rotterdam, en wat u kunt doen om deze soort te helpen? Bekijk dan de onderstaande video met ecoloog André de Baerdemaeker van Bureau Stadsnatuur.

Nummer 4 is de zoete kers

Augustus is de maand van de Zoete Kers in de 10 van 010, de boom die symbool staat voor het belang van bomen en planten in onze stad. Waarom zijn (meer) bomen zo belangrijk en wat kunt u als bewoner zelf doen voor de natuur en biodiversiteit in de stad?

Waar Rotterdam vroeger nog wel eens een druilerige indruk kon maken in de zomer, was het de afgelopen jaren met alle hittegolven dringen in de parken en bossen voor een plekje in de schaduw. De functie van natuur en bomen in de stad gaat verder dan verkoeling alleen.

Nienke Bouwhuis van Krachtgroen en Ronald Loch, dé bomenexpert van Rotterdam, vertellen hierover, bij een van de mooiste bejaarde bomen van Rotterdam: de monumentale Zoete Kers voor de oude ingang van Diergaarde Blijdorp. Geschatte leeftijd: tijdens of vlak na de oorlog. Status: staat er nog knap bij. Diverse ouderdomskwalen, dat wel.

Groene stad

Is Rotterdam eigenlijk een beetje een groene stad? 'Ja. Rotterdam heeft evenveel bomen als inwoners, als je de bomen in de bosplantsoenen meetelt,' vertelt Ronald Loch.

Hij is als Adviseur Bomen van de gemeente dagelijks bezig met het reilen en zeilen van de grootstedelijke natuur. Bomen dragen bij aan de gezondheid van de mens, is zijn overtuiging. 'Het is bewezen dat als je in een ziekenhuis op een boom uitkijkt, je eerder naar huis kunt.

Mensen voelen zich prettiger, bomen houden water vast en halen CO2 uit de lucht. Daarbij hebben bomen ook een groter verkoelend effect dan schaduw alleen: het koelend vermogen van een volwassen boom staat gelijk aan tien airco’s.'

Klimaatverandering

Met de klimaatverandering (meer hitte, meer regen) zijn bomen dus essentieel om de stad leefbaar te houden en de inwoners gezond. Wel benadrukt Ronald het belang van een gevarieerd bomenbestand in de stad. 'Dat helpt plagen voorkomen, denk bijvoorbeeld aan de eikenprocessierups. Om die te bestrijden kun je onder meer de natuurlijke vijanden uitnodigen, die de rupsen opeten, zoals koolmezen. Dat doen we door mezenkasten op te hangen bij eiken. Sluipvliegen nodigen we uit door niet te maaien onder eiken en bloembollen in de buurt te planten.'

Eigen biotoop

Iedere boom heeft zijn eigen biotoop, een specifiek milieu dat bepaalde dieren en insecten aantrekt. Vruchtdragende bomen - zoals de monumentale Zoete Kers - hebben behalve schuil- en nestplaatsen nog meer te bieden. De Zoete Kers (prunus avium) is de 'moeder van alle kersenbomen' en komt uit de rozenfamilie. De boom staat graag licht en kan wel 20 meter hoog worden. In april is er een korte maar krachtige bloei van twee weken. De geurende witte bloesems trekken allerlei insecten aan. Na de bestuiving volgen de rode kersen, waar vogels weer van smullen. Zo ondersteunt één vruchtdragende boom de biodiversiteit op die plek op meerdere vlakken, legt Ronald uit. De vruchten zijn overigens ook voor mensen prima eetbaar, hoewel ze wel iets anders smaken dan de gemiddelde Betuwe-kers. 

De waarde van bomen - en ander groen - betaalt zich op vele manieren terug, beaamt ook Nienke Bouwhuis. Zij is partner bij ontwerperscollectief Krachtgroen, dat zich in het Rotterdamse bezig houdt met vergroening, maar vooral ook met verbinding; bij projecten zoals natuurlijke speelpleinen of de Groene Connectie - een groen ‘wandellint’ door Rotterdam-West - worden bewoners, gebruikers en bestaande groene initiatieven betrokken.

Groen maakt gelukkig

Het belang van bomen voor de stad is volgens haar oneindig. 'Groen zien maakt gelukkig, dat is onderzocht. Het is niet voor niets dat vroeger de sanatoria in de bossen lagen.' Klimaatverandering, biodiversiteit, de sociale en ruimtelijke waarde van je omgeving - het hangt allemaal samen met groen. Maar ook de waarde van vastgoed stijgt, vertelt Nienke. 'Als je groen toevoegt aan de stad, wordt je stad rijker op alle niveaus.'

Wat kunnen wij als bewoners nu zelf doen om daaraan bij te dragen? Nienke: 'Je kunt beginnen met een geveltuintje, planten op je balkon zetten waar dieren en insecten op af komen. Dat zorgt ook al voor wat verkoeling. Je kan het ook groter aanpakken en samen met je buren een stukje openbaar groen in zelfbeheer onderhouden. En daar dan eetbaar groen – bijvoorbeeld een Zoete Kers - planten. Onderhoud het samen, sluit je aan bij groene initiatieven. Gebruik hout, want hout neemt CO2 op. Je kunt stemmen op een partij die groene plannen heeft of je steun uitspreken voor het behoud van volkstuinen. Doe het vooral samen, niet alleen jij en je bloempot. Wees ambassadeur van het groen.'

Meer groen

De gemeente is bezig om in vier jaar 20 hectare groen aan de stad toe te voegen, waarvan meer dan de helft nu gerealiseerd is, vertelt Ronald. Bewoners kunnen nog veel doen in hun tuinen. 'Tegels houden geen vocht vast en bieden geen verkoeling. Trek de tegels eruit en plant een boom. Als je daarvoor geen plek hebt: een paar struiken in je tuin bieden al beschutting voor mussen en andere dieren. En varieer. Plant meerdere soorten, die trekken verschillende soorten insecten aan. Inheems groen heeft de voorkeur, zodat de beestjes van hier het ook lusten. Zorg in ieder geval dat een derde tot de helft van je tuin groen is.'

En wat doen we dan met de overgebleven tegels? Daar heeft Nienke nog wel een tip voor: 'Er bestaat nu een tegeltaxi, die komen je tegels zo halen.'

Wie volgen?

  • Zwanenbloem
  • Kleine vuurvlinder
  • Egel
  • Snoek
  • Steenbreekvaren
  • Vos

Biodiversiteit: de soortenrijkdom aan leven van flora en fauna

Biodiversiteit betekent letterlijk: 'de verscheidenheid van planten en dieren en een variatie aan waardevolle plekken met aandacht voor de natuur en natuurlijke processen'. Met biodiversiteit bedoelen we dus de grote soortenrijkdom aan leven van flora en fauna. Of mensen zich goed voelen, gezond zijn en de economie goed functioneert, heeft direct te maken met de stand van de biodiversiteit. De natuur biedt ons namelijk voedsel, water, grondstoffen en schone lucht. Behoud en herstel van biodiversiteit wereldwijd zijn daarom essentieel en steden spelen hier een belangrijke rol in.

Lees meer over biodiversiteit op Rotterdam.nl/biodiversiteit.

Vijf V's

Planten en dieren hebben vijf V’s nodig:

  • voedsel
  • veiligheid
  • verblijfplaats
  • verbinding
  • variatie.

Daarom zetten we in op meer groen en minder steen, meer verschillende soorten groen, een betere bodem- en waterkwaliteit en minder nachtelijk licht. In Rotterdam willen we zo samen werken aan de verrijking van de stadsnatuur.