Assetmanagement
Gepubliceerd op: 23-01-2017
Geprint op: 02-06-2020
https://www.rotterdam.nl/werken-leren/assetmanagement/
Spring naar het artikel

Zeker weten dat wij de juiste dingen doen in de stad? En dat iedere euro die wij investeren in de buitenruimte van de stad het maximale effect heeft? Daarvoor zorgen wij met assetmanagement. Zodat Rotterdam er beter van wordt.

Stadsbeheer houdt de Rotterdamse buitenruimte in vorm. Met ruim 3.000 collega’s maken we de stad een fijne, veilige en schone stad om in te wonen, werken en recreëren. Wij brengen vakkennis en wensen en behoeften van bewoners en andere partners in de stad bij elkaar. Geen aantrekkelijke stad zonder een buitenruimte die op orde is: veilig, beschikbaar en toegankelijk.

Assetmanagement is de volgende stap in het professioneel beheer van de buitenruimte. De methode is in opmars in Nederland en de landen om ons heen. Deze helpt bij het kiezen van de juiste maatregelen en het helder kunnen uitleggen ervan. Met ‘assetmanagement’ zorgen we er nog meer voor dat we ons geld inzetten daar waar dat het hardste nodig is. Het gaat om de juiste balans tussen kosten, prestaties en risico’s. Daarbij wordt ook gekeken naar kansen voor de stad.

Gemeente Rotterdam is een pilot gestart om bruggen vanaf het water te inspecteren met drones

‘Met deze aanpak krijgen we veel meer data die we weer kunnen koppelen aan andere gegevens. Dit gebruiken we in onze assetmanagementstrategie’, zegt beheerder van de bruggen Robert Aartsen, gemeente Rotterdam.

De inspectie met drones is snel en geeft minimale overlast. Een ander belangrijk voordeel is dat de drones heel veel beelden kunnen maken, die verwerkt worden in een 3D-model van de brug. Ook gegevens van reguliere schade-inspectie, worden hierin verwerkt. Robert: ‘Met dit model heb je een compleet pakket aan informatie van het hele object. Je kunt ieder detail bekijken en uitvergroten, bijvoorbeeld om schade en slijtage op te sporen.’

Keuzes

Het inspecteren van de bruggen is altijd al onderdeel van de gemeentelijke beheer- en onderhoudsstrategie van bruggen. Robert: ‘We doen dit volgens een vaste methode en op vaste momenten. Op basis van de gegevens uit schouwrondes en inspecties, maken we keuzes in wat we wel en niet doen. Het koppelen van alle beschikbare gegevens (zoals aan schouw- en inspectiegegevens, meldingen, deformatie-metingen en onderhoudshistorie) aan het 3D-model, geeft ons beter inzicht in de technische staat van de brug. Dit helpt ons de juiste keuzes te maken. Uiteindelijk is het ook de bedoeling dat we door het koppelen van gegevens ook achterhalen of deze keuzes het gewenste effect hebben.

Andere mogelijkheden

Volgens Robert is er nog veel meer mogelijk met de drones. ‘Ze kunnen bijvoorbeeld ook bomen, wegen en rioleringen scannen. Door ook deze informatie aan het model te koppelen, wordt de schat aan gegevens nog groter. Samen met onze afdeling Basisinformatie bekijken we dan ook wat er nog meer mogelijk is. We maken dus niet alleen verbindingen tussen beheerders van objecten, maar ook tussen vakgebieden. Het datagestuurd werken van de toekomst.’

In 2030 is circulair de maatstaf. Dat is een van de ambities van de gemeente Rotterdam. Zo ontstond de circulaire bezem na onderzoek naar het effect op het klimaat van verschillende soorten bezems en het gebruik ervan. Nu worden jaarlijks ruim 18.000 bezems van de afval hoop gered; gaan ze vier keer langer mee door het gebruik van water; en worden ze opnieuw ingezet in bijvoorbeeld heggen.

Circulair als uitdaging en inspiratie

Een van de ambities van de gemeente Rotterdam is om in 2030 volledig circulair te zijn. Dat betekent dat de gemeenteafval als grondstof gaat zien om zo het grondstoffengebruik te verminderen. Dat vraagt een andere manier van denken en een andere manier van kijken naar de stad. Ook de gemeente kijkt met een circulaire bril naar de stad.

Johan Bunk, praktijkopleider bij de Bedrijfsschool, nam de uitdaging aan om de ruim 18.000 bezems die jaarlijks worden weggegooid en verbrand een nieuw leven te geven. Met zijn initiatief draagt hij bij aan de Rotterdamse kernwaarden voor assetmanagement ‘weerbaarheid’, ‘milieu en gezondheid’ en ‘imago’. 

Effecten: forse besparingen

Effecten van de berkenrijsbezems:

  • Een vochtig gemaakte berkenrijsbezem gaat vier keer langer mee dan een droge
  • De inkoop kan met driekwart gereduceerd worden
  • Met een optimaal gebruiksproces levert dit een jaarlijkse financiële besparing van tienduizenden euro’s op; in vijf jaar levert dit een besparing van ruim anderhalve ton op.

Klimaatimpact en aantal veeguren: berkenrijsbezem wint

Rotterdam gebruikte al berkenrijsbezems. Toch wilde de gemeente weten wat de duurzaamste bezem is. Middels een pilot zijn de uitstoot van CO2, de klimaatimpact van productie, transportafstanden en verwerking na afdanking onderzocht. Hiervoor zijn drie soorten bezems onderzocht: de strobezem, de kunststofbezem en de (huidige) berkenrijsbezem.

De bezem van kunststof had, zoals verwacht, de meeste klimaatimpact. Daarna volgde de berkenrijsbezem met een impact die vijftien keer lager was dan de kunststof bezem. De strobezem had de laagste impact met een impact die 300 keer lager was dan de kunststofbezem. 

Gekeken naar het aantal veeguren per bezem, ging de kunststof bezem 120 uur mee. De strobezem hield het slechts 2 uur vol. Opvallend was dat een droge bezem van berkenrijs 3 uur gebruikt kon worden, maar een vochtig gemaakte 12 uur. In een pilot zijn medewerkers gevraagd deze bezems te testen op gebruik, levensduur en schoon resultaat. De berkenrijsbezem was de winnaar. Na een berekening met de klimaatimpact en het aantal veeguren per bezem bleek de vochtig gemaakte berkenrijsbezem de meest circulaire bezem.

Streven is om de klimaatimpact te verkleinen en om invulling te geven aan het circulaire gedachtengoed door de productie naar Rotterdam te halen. Dit is gestart in een Rotterdamse wijk met circulaire ambities: Reyeroord. Tijdens de boomfeestdag is berkenrijs in Reyeroord geplant. Vervolgens wordt het materiaal in de bezems verwerkt en aan het einde van de levensduur verschijnt er een mooie haag in de wijk. En daarmee is de cirkel rond.

Wilt u meer weten? Neem dan contact op met Johan Bunk, praktijkopleider Bedrijfsschool. u kunt hem bereiken per e-mail.

Een depot waar gebruikte banken worden klaargestoomd voor een tweede leven. Of een proef met een nieuwe CO2-neutrale straatstenen in Prins Alexander en gebied Zuidwest.

Zomaar wat circulaire initiatieven in het wegbeheer. Arjen Oostra, beheerder wegen: 'We willen als grote gemeente vooral de markt uitdagen om met innovaties en duurzame oplossingen te komen.'

Bankendepot

Door de stad verspreid staan op dit moment bijna 10.000 banken waar Rotterdammers gretig gebruik van maken. Jaarlijks zijn er zo’n 100 aan vervanging toe. Hoe gaat dat nu? Ze vervallen aan de aannemer en worden in de meeste gevallen afgevoerd naar de puinbreker of stort. Vanuit de circulaire ambitie en de nadruk op duurzaamheid in Rotterdam is besloten om dit voortaan anders te organiseren. De levensduur van ‘oude’ banken wordt verlengd door ze in een bankendepot te repareren, schoon te maken en vervolgens weer klaar te maken voor een tweede leven ergens anders in de stad.

Besparing

Gerard Lindeman, beheerder straatmeubilair: 'Een bomendepot, maar dan voor banken. Deze kunnen na een opknapbeurt weer de volwaardige cyclus van 15 jaar mee.' Op basis van de onderhoudsbehoefte is bepaald dat er de komende vijf jaar 410 banken vervangen moeten worden; hiervan zijn er 348 geschikt voor hergebruik. 'We kunnen daarmee de komende vijf jaar ruim 55 ton CO2 besparen. De CO2 die gemoeid is met het hergebruik van een bank is maar 1% van de hoeveelheid die nodig is om een nieuwe bank te produceren.' Zie tabel 1 voor de CO2-besparing door het bankendepot.

CO2-neutrale stenen

Rotterdam is ook op zoek naar duurzame verharding. In twee gebieden in de stad (Prins Alexander en Zuidwest) loopt op dit moment een proef met CO2-neutrale straatstenen (6.000 m2) en trottoirbanden (1.500 meter). Van oudsher wordt beton gemaakt met cement als bindmiddel, maar de milieu-impact hiervan is hoog. Wereldwijd wordt daarom gezocht naar ‘groenere’ bindmiddelen. Arjen Oostra, beheerder wegen: 'Het bijzondere aan de gebruikte stenen is dat behalve in de toplaag van traditioneel beton geen cement wordt gebruikt. Het onderbeton bestaat uit betongranulaat (hergebruikt betonpuin) en industriële bijproducten (geopolymeren) die als bindmiddel zijn hergebruikt. We denken hiermee 33,4 ton CO2 te besparen.' Dit is ook te zien in tabel 2.

Monitoring

Arjan Oostra: 'Omdat het nieuw materiaal is, blijven we testen op sterkte en splijtweerstand. En we houden de ontwikkeling van de kosten in de gaten. Als het materiaal dichter bij Rotterdam geproduceerd kan worden, dan zullen de kosten dalen.'

Tabel 1: potentiële besparing CO2 door hergebruik bankjes

 

  Co2 per bank CO2 totaal (348 banken, komende vijf jaar)
Nieuwe banken 160,20 kilogram 55.749,6 kilogram
Hergebruik 1.412 kilogram 491,37 kilogram
Besparingspotentieel 158,78 kilogram 55.258,44 kilogram

Besparing in procenten: de besparing bij hergebruik is enorm. De CO2 die gemoeid is met het hergebruik van een bank is maar 1% van de hoeveelheid die nodig is om een nieuwe bank te produceren.

Tabel 2: potentiële besparing CO2 door geopoymeerbeton

  CO2 per steen / trottoirband CO2 totale proef (1500 meter trottoirband / 6000 m2 straatsteen)
Betonstraatsteen 10,81 kilogram 64,86 ton
Geopolymeerbetonstraatsteen 6,243 kilogram 37,46 ton
Besparingspotentieel 4,567 kilogram 27,4 ton
     
Betonnen trottoirband 8,116 kilogram 12,17 ton
Geopolymeertrottoirband 4,111 kilogram 6,17 ton
Besparingspotentieel 4,005 kilogram 6 ton
     
Totaal besparingspotentieel   33,4 ton

Besparing in procenten: met de geopolymeerstenen en banden besparen we 44% CO2.

Onderzoek op de grens van innovatie en assetmanagement. Dat sprak de heren wel aan. Niet het zoveelste standaardbeheerplan schrijven, maar de ontwikkeling in het vakgebied echt een stap verder helpen.

Erwin Albeda en Sjoerd Wiltjer, beiden student aan Hogeschool Van Hall Larenstein in Velp, zochten de juiste balans tussen kosten, prestaties en risico’s in het beheer van stadsbomen. De grote vraag: in welke maatregelen moet je investeren als je wil dat stadsbomen een maximaal effect hebben voor de stad?

Assetmanagementbril

Assetmanagement, ook hun docent moest zich er even goed in verdiepen. De methode die in Rotterdam wordt toegepast voor het beheer van de buitenruimte is relatief nieuw en nog geen standaardonderdeel van de opleiding Tuin- en landschapsinrichting aan de hogeschool. Maar Erwin en Sjoerd (afstudeerrichting Management Buitenruimte) lieten zich daardoor niet weerhouden en bekeken de Rotterdamse stadsboom het afgelopen jaar door een assetmanagement-bril. Wat hen meteen opviel? Hoe betrokken Rotterdammers zijn bij de bomen in hun stad. Sjoerd Wiltjer: ‘Trek een oranje hesje aan, kijk naar een boom en je hebt aanspraak.’

Groeiplaatsuitputting

De studenten maakten met de kennis en ervaring van collega’s een ‘risicoregister’ voor stadsbomen. Hierin staan de belangrijkste risico’s die het positieve effect van bomen op de stad in de weg kunnen staan: gebrekkige groeiplaatsomstandigheden, zetting en (niet gefaseerde) ophoging, een eenzijdig bomenbestand en ziektes en plagen. Erwin Albeda: ‘Een risicoregister laat zien welke risico’s je eigenlijk moet zien te voorkomen. Je kijkt naar wat er mis kan gaan en hoe erg dat is voor de Rotterdammer, maar ook hoe groot de kans is dat het gebeurt. Omdat groeiplaatsuitputting uit de analyse rolde als grootste risico, zijn we daarmee verder gegaan. Investeren om dit risico te voorkomen, loont.’

Oorzaak en gevolg

De volgende stap was het uiteenrafelen van het risico groeiplaatsuitputting in oorzaken en gevolgen voor de stad. De analyse helpt bij het kiezen van een beheeraanpak. Sjoerd Wiltjer: ‘De belangrijkste oorzaken van groeiplaatsuitputting zijn: zetting, te weinig ruimte en het in een keer ophogen in plaats van in fases. Groeiplaatsverbetering is een van de belangrijkste maatregelen. Denk dan aan grond uitwisselen, mest toevoegen, de grond beluchten of stenen weghalen zodat er meer ruimte ontstaat.’

Kritisch kijken

Erwin Albeda: ‘In dit onderzoek kijken we kritisch naar de inzet van budget, belangrijk in de verantwoording richting het bestuur. Als je risico’s en kansen tegen elkaar afweegt, dan loont het om te investeren in de groeiplaatsverbetering van stadsbomen. De gemeente kan een investering doen om het risiconiveau zo laag mogelijk te houden.

Groen als asset

De studenten pleiten voor het toespitsen van de methodiek op groen. Tegelijkertijd moeten risico’s en maatregelen over alle assets heen wel onderling vergelijkbaar blijven. Dat is de kracht van assetmanagement. Sjoerd Wiltjer: ‘Het lastige van het bekijken van een boom als ‘asset’ is dat het een levend organisme is. Je kunt hem wel opsplitsen in ‘assetonderdelen’ als wortel, stam en kroon, maar deze onderdelen hebben meer invloed op elkaar dan de bouten, moeren en stalen delen van bijvoorbeeld een brug.’

Bruikbaar

Het afstudeeronderzoek is goed bruikbaar in de dagelijkse praktijk. Erwin: ‘We hebben met ons onderzoek daadwerkelijk kunnen bijdragen aan de verdere invulling van assetmanagement in Rotterdam.’ Jos van de Vondervoort (objectbeheerder bomen) en Tony Pipping (assetmanager groen) bevestigen dit: ‘De analyse van Sjoerd en Erwin kunnen wij goed gebruiken in onze assetmanagementplannen en bij het afwegen van mogelijke maatregelen. Ze zijn goed de diepte in gegaan op dit best complexe onderwerp.’

Wortelopdruk van bomen. Een herkenbaar probleem voor collega’s die er een dagtaak aan hebben om stoepen en wegen comfortabel en veilig te houden. Maar ook een doorn in het oog van veel Rotterdammers.

Dagelijks komen er meldingen binnen over boomwortels. Otto van Breugel en Ruud van der Hout gingen met collega’s over tot actie. Met de nieuwe boomwortelapp maakten zij het probleem inzichtelijk voor de Beverwaard.

Boomwortelapp

Otto van Breugel, wijkservicemanager in Zuidoost: 'Rotterdammers ondervinden hinder en soms ook schade door losliggende tegels, veroorzaakt door boomwortels. Het oplossen van dit probleem is lastig en arbeidsintensief. Tot voor kort was niet echt goed bekend welke locaties de meeste overlast geven en hoe groot het probleem nu eigenlijk precies is. Om nog maar niet te spreken van de kosten om de verstoringen op te lossen. Daarom hebben we met een aantal collega’s de boomwortelapp ontwikkeld. Hiermee leggen we locaties, prioriteiten en kosten van de verstoringen vast.'

Digitale kaart

Weten waar je het over hebt, ook dat is assetmanagement. Want pas dan kun je bepalen welke maatregelen het beste zijn en hoeveel budget er nodig is. En kun je vervolgens gaan bijhouden wat het effect daarvan is. Heel de Beverwaard is daarom de afgelopen tijd geschouwd op boomwortelproblematiek. Het resultaat: een actuele digitale kaart die in één oogopslag duidelijk maakt hoe groot het probleem in dit stukje stad is.

Schouw

De complete schouw van ‘hotspot Beverwaard’ duurde een maand. Bij de schouw is gekeken naar drie dingen: is er gevaar om te struikelen? Is er gevaar voor de boom? En in welke omgeving staat de boom? Deze criteria bepalen het risico en daarmee de noodzaak om de situatie snel aan te pakken. Voor een bredere uitrol moet iedereen op dezelfde manier tegen deze risico’s aankijken.

Conclusie

Ruud van der Hout, medewerker Beheer en Uitvoering: 'Met de kaart onder de arm zijn we een betere gesprekspartner voor management en politiek. De Beverwaard is een vrij stenige wijk die net als de rest van Rotterdam zakt. Dit draagt bij aan de problematiek. Op de kaart zie je dat de problemen met de hoogste prioriteit zich concentreren in een aantal straten. We kunnen hier bijvoorbeeld wortelkratten of –schermen plaatsen. Zo dwingen we wortels ergens anders heen te groeien. Vooral platanen en robinia’s zijn de boosdoeners.' Het oplossen van alle verstoringen in de Beverwaard kost naar schatting zo’n twee ton, dus het is belangrijk om slimme keuzes te maken. Ruud en collega’s gaan nu ook aan de slag in het groenere Reyeroord. Zo kan een vergelijking worden gemaakt tussen een stenige en een groene wijk.

Problemen voorkomen

Maar met een mooie app en een digitale kaart zijn we er nog niet: Otto: 'Binnenkort presenteren we de resultaten samen met onze aanpak aan het MT van Openbare Werken. In ons voorstel, dat we op dit moment aan het finetunen zijn na feedback van een aantal collega’s, zijn het opleiden van collega’s, het zoeken naar de beste maatregelen en het nadenken over manieren om het zware werk gemakkelijker te maken belangrijke punten.' Uiteindelijk is het natuurlijk de bedoeling in de toekomst geen problemen op te lossen maar te voorkomen. Bijvoorbeeld door andere boomsoorten te planten of de openbare ruimte anders in te richten.

De pilot wortelopdruk bomen maakt onderdeel uit van het programma Gebiedsgerichte aanpak.
Arjan Medendorp is programmamanager. De pilot raakt daarnaast aan het programma Onderhoud bomen, waar Mart van Zijl trekker van is.

Assetmanagement Rotterdam

Rotterdam is in 2013 gestart met assetmanagement. Eerst voor het beheer van de Rotterdamse infrastructuur. Denk dan bijvoorbeeld aan wegen, riolering, groen, speeltoestellen, bruggen en openbare verlichting. Maar om de buitenruimte écht integraal te kunnen oppakken, zet Rotterdam nu in op verbreding naar de sectoren Schone Stad en Toezicht & Handhaving. Assetmanagement moet gaan gelden voor het totale beheer van de openbare ruimte. Draagvlak en acceptatie in de organisatie staan daarbij voorop. Want assetmanagement is in de eerste plaats mensenwerk. Het valt of staat met de professionals die ermee aan de slag gaan.

Draagvlak en acceptatie staan bij ons voorop. Want assetmanagement is op de eerste plaats mensenwerk. Het valt of staat met de professionals die ermee aan de slag gaan.

Rotterdamse kernwaarden

Assetmanagement koppelt de beheeropgave direct aan de bredere doelstellingen van de stad, de Rotterdamse kernwaarden. Beheer en onderhoud van alle objecten in de buitenruimte moeten bijdragen aan deze kernwaarden, afgeleid uit bestaande beleidsnota’s en visiedocumenten. Zo wordt vanuit de beheeropgave meegebouwd aan de gewenste ontwikkeling van de stad. De Rotterdamse kernwaarden zijn:

  • economie
  • beschikbaarheid
  • veiligheid
  • imago
  • wet- en regelgeving
  • kwaliteit leefomgeving
  • milieu en gezondheid
  • weerbaarheid.

Wij hechten veel waarde aan kennisuitwisseling met collega’s en vakgenoten ergens anders in het land of experts bij instellingen of koepelorganisaties. Dat houdt ons scherp. Andersom dragen wij met onze kennis graag bij aan de verdere ontwikkeling van assetmanagement in Nederland. Wij verwijzen professionals die meer willen weten over onderstaande punten graag door naar onderstaande links.

  • risicogestuurd beheer
  • de kern van onze aanpak
  • onze assets
  • de Rotterdamse kernwaarden (doelstellingen van de stad) die aan de basis staan van het beheer van de stad en ons team

‘Assets’ zijn al onze objecten in de openbare ruimte die een goed gebruik van de stad mogelijk maken. En die daarom van waarde zijn.

Meer informatie

Bent u geïnteresseerd in Assetmanagement Rotterdam en wilt u meer weten over onze aanpak? Neem dan contact met ons op via assetmanagement@rotterdam.nl.

Op de hoogte blijven van nieuws en praktijkvoorbeelden? Meld u dan aan voor onze #AssetAlert.

\