Mensenhandel
Gepubliceerd op: 21-10-2020
Geprint op: 24-11-2020
https://www.rotterdam.nl/nieuws/mensenhandel/
Ga naar de hoofdinhoud

Jaarlijks vallen naar schatting 1300 minderjarige jongeren in Nederland ten prooi aan mensenhandelaren. Angst en schaamte weerhoudt veel slachtoffers ervan aan de bel te trekken. En dus komen ze niet in beeld bij politie of hulpinstanties.

‘Geloof niet wat ze zeggen’, is de 24-jarige Kate stellig. ‘Mensenhandelaren dreigen jou of jouw familie wat aan te doen als je wegloopt of erover praat. Maar dat doen ze alleen maar om je bang te maken’, zegt ze fel. Kate (niet haar echte naam) werd zelf op haar 14e voor het eerst slachtoffer van een loverboy. Ze zweeg lange tijd, klom uit het dal, werd opnieuw slachtoffer, maar is nu hard op weg haar verleden definitief achter zich te laten. ‘Ik ben inmiddels twee jaar clean van drugs en leer van mezelf te houden.'

Dertig inrichtingen

Dat was in haar tienerjaren wel anders. ‘Op mijn negende ben ik uit huis geplaatst. Mijn moeder wilde niet meer voor mij zorgen. Op mijn twaalfde zat ik al aan de drank en drugs. Ik werd opgenomen in pleeggezinnen en ik denk dat ik wel dertig inrichtingen van binnen heb gezien. Soms zat ik op een gesloten afdeling. Er waren periodes dat het zo slecht met me ging dat begeleiders me acht keer per dag moesten fixeren (op de grond in bedwang houden).’

 

'Ik ben bewusteloos geraakt en werd wakker in de ambulance.’

Kate - slachtoffer mensenhandel

Dat gebeurde vooral nadat ze voor de eerste keer in handen van een loverboy was gevallen. Kate was toen 14 jaar. ‘Ik miste moederliefde. Daar was ik naar op zoek. Hij was mijn eerste vriendje en gaf me alle aandacht. De eerste drie maanden was er niets aan de hand, totdat hij voorstelde dat ik een lijntje coke zou snuiven. Dat deed ik, want ik dacht dat hij het beste met mij voor had. Na een aantal keer vroeg hij hoe ik de coke ging terugbetalen. Toen dwong hij me tot seks.’

Uitgeput

Drie maanden zat ze opgesloten in zijn huis. ‘Op een dag heb ik het hele huis omgekeerd om en vond ik een sleutel. Ik had ook al geprobeerd om de ramen in de slaan met een stoel. Toen ik buiten was, ben ik gaan rennen. Wat er daarna precies is gebeurd, weet ik niet meer. Ik ben bewusteloos geraakt en werd wakker in de ambulance.’ Waarschijnlijk was Kate totaal uitgeput doordat ze coke gebruikte en zwaar ondervoed was.

De jeugd van Kate typeert zich door vallen en opstaan. Het misbruik bleef niet bij één keer. Ze voelt zich vaak niet begrepen. ‘Ik voelde me vaak als crimineel behandeld. Toen ik na de eerste keer werd opgenomen, had ik het gevoel dat ik gevangen zat. Ik zat achter een dikke poort, had een eigen kleine kamer die leek op een cel en kon ook niet weg. Toen dacht ik wel eens: hij hoort toch vast te zitten en niet ik?’

Zoek hulp!

Toch hielp het haar om erover te praten. ‘In eerste instantie weigerde ik dat. Ik was bang voor hem. Bang dat hij achter me zou aankomen. Maar ik vertrouwde ook niemand. Doordat ik zo opgesloten zat voelde ik me uiteindelijk toch veilig. Na twee maanden ben ik mijn verhaal gaan vertellen. En uiteindelijk is hij ook veroordeeld.’

Hoe moeilijk ook, hulp zoeken is de oplossing. ‘De stap naar de politie is heel erg groot. Het is belangrijk dat je de tijd krijgt om je verhaal te doen. Dat mensen naar je luisteren, maar dat je wel anoniem kunt blijven. En schaam je niet voor wat er is gebeurd. Jij als slachtoffer kunt daar niets aan doen, de daders wel.’

Meer informatie

Net als Kate durven de meeste slachtoffers van mensenhandel niet aan de bel te trekken over uitbuiting. Lang niet altijd vindt seksuele uitbuiting plaats en ook fysiek geweld speelt niet altijd een rol. Mensenhandelaren maken bijvoorbeeld ook misbruik van kwetsbare jongeren, die voor heel weinig geld drugs moeten verhandelen.

Uit een recent rapport van de Nationaal Rapporteur Mensenhandel blijkt dat steeds meer minderjarige slachtoffers uit beeld raken. En dat terwijl mensen uit de directe omgeving van het slachtoffer - zoals ouders, docenten of hulpverleners - signalen zouden moeten herkennen.

Daarom zijn Fier, Humanitas Rotterdam en de gemeente Rotterdam een campagne begonnen met de titel Chaterover.nl. Hierin roepen zij jongeren op om hun verhaal anoniem te delen met gespecialiseerde chat-hulpverleners. Dit kan gaan over zichzelf of over een ander. Stap voor stap wordt samen gekeken hoe de situatie te stoppen.