van den broek en bakema
Leverende organisatie | Aangeleverd op 02-12-2009
Van den Broek en Bakema zijn in de architectuurwereld net zo'n begrip als Van Gend & Loos, Vroom & Dreesmann of Simon & Garfunkel in het dagelijks leven. Vanwege de strikt modernistische vormgeving van de gebouwen werd wel eens gekscherend gevarieerd op een bekende reclameslogan: 'Al een vat, kist of krat van Van den Broek en Bakema gehad.'
Het grootste en bekendste architectenbureau van Nederland bouwde voort op de traditie van Brinkman & Van der Vlugt.
Zij ontwierpen de Lijnbaan, Ter Meulen, de Centrale Bibliotheek, maar ook de TH in Delft, het Dorp bij Arnhem, de bungalowparken van Sporthuis Centrum, het hoofdkantoor van Siemens in München en het Expo-paviljoen in Osaka.
Behalve de naamgevers Bakema en Van den Broek werkten vele projectarchitecten als Rijnsdorp, Stokla en Boot. Het bureau is na de dood van de naamgevers voortgezet.
Brinkman en Van den Broek
Jo van den Broek (1898-1978) was in 1935 de opvolger van de jonggestorven Van der Vlugt. Hij was in feite de hoofdarchitect van het bureau Brinkman & Van der Vlugt. De ziekelijke Jan Brinkman (1902-1949) trad weinig op de voorgrond als ontwerper en was vanaf 1939 nauwelijks meer bij het bureau betrokken. Zijn naam bleef wel tot 1951 aan het bureau verbonden. Toen Van den Broek in 1948 werd benoemd tot hoogleraar aan de Technische Hogeschool in Delft ging hij een samenwerking aan met de veertien jaar jongere Jaap Bakema (1914-1981). Van den Broek werd gezien als de pragmatische zakelijke organisator, die voortbouwde op het vooroorlogse Nieuwe Bouwen; Bakema was de bevlogen idealist. Ze werden wel getypeerd als de schoolmeester en de dominee, de pragmatist en de filosoof. Het beeldende en expressieve functionalisme wat vooral Bakema voor ogen stond leidde tot een krachtige, expressieve architectuur met forse contrasten en een robuust materiaalgebruik. Wel bleef de architectuur altijd oog houden voor de menselijke maat en de gebruiker. Het bureau ontwikkelde zich tot een van de toonaangevende van de wederopbouw.
Werken
In het centrum van Rotterdam was Van den Broek en Bakema betrokken bij de Lijnbaan (1948-1953) en werden de warenhuizen voor Ter Meulen (1948-1951), De Klerk (nu Donner) (1949-1956), Galeries Modernes (1954-1957) en Huf (1952-1954) gebouwd.
In de Rotterdamse haven werden een poortgebouw voor Müller-Thomsen aan de Keilehaven (1943-1948) en de aankomsthal (1946-1949) en het werkplaatsengebouw (Las Palmas) (1950-1953) voor de Holland-Amerikalijn aan de Wilhelminakade gerealiseerd.
Na het succes van de Lijnbaan, het eerste verkeersvrije winkelcentrum, werden ook buiten Rotterdam winkelcentra gerealiseerd, zoals in Nagele, Velzen, Bergen en Amstelveen.
Bakema was vooral betrokken bij stedenbouwkundige studies voor wijken als Pendrecht, de Alexanderpolder, Kennemerland en het Pampusplan uit 1965, een uitbreiding van Amsterdam op een eiland in het IJ. Er werden verder woonwijken in onder anderen Hengelo, Leeuwarden en Eindhoven ontworpen en plannen gemaakt voor de centra van Eindhoven en Tilburg.
In 1962 kreeg het bureau de eervolle opdracht Het Dorp bij Arnhem te ontwerpen, het gehandicaptendorp dat via een legendarische televisiemarathon was gefinancierd. De inrichting voor geestelijk gehandicapten Hernesseroord in Middelharnis (1964-1975) vormt een dorp voor 550 bewoners.
Een heel andere stedenbouwkundige opgave waren de bungalowparken voor Sporthuis Centrum, het huidige Centerparcs, vanaf 1968.
Befaamde woningbouwprojecten in Rotterdam zijn de woningbouw aan de Vredenoordlaan (1946-1949), de hoekbebouwing aan de Mariniersweg (1954-1956) en de woningbouw aan het Zuidplein (1952-1955). Bijzondere woonhuizen werden ontworpen voor Van Buchem (1960-1961) en De Klerk (1960-1961) in Hillegersberg en voor de arts Wieringa in Middelharnis (1956-1957). Van den Broek ontwierp zijn eigen woonhuis Ypenhof (1948-1952) aan de Kralingseweg.
Van den Broek en Bakema waren beide hoogleraar in Delft en betrokken bij de opzet van de TH-wijk. Behalve de spectaculaire betonnen aula werden laboratoria, een ketelhuis, de kernreactor, het gebouw voor civiele techniek en het gebouw voor bouwkunde gebouwd. Het langgerekte Montessorilyceum aan de Bentincklaan (1955-1960) is het bekendste onderwijsgebouw.
Bedrijfsgebouwen werden gerealiseerd voor Metaalmaatschappij Van Houten in de Bierstraat (1951, afgebroken), de ROTEB (1954, afgebroken), de Nederlandse Kroonkurk Maatschappij aan de Sluisjesdijk (1948-1953, gesloopt), verffabriek Tollens (1943; 1955) in de Spaanse Polder en een groot magazijncomplex voor het postorderbedrijf Ter Meulen (1969) in de Spaanse Polder. Buiten Rotterdam was het Heinekencomplex in Zoeterwoude (1969-1974) bekend. Verder werden enkele belangrijke kantoorgebouwen gerealiseerd: het gebouw voor de Wereldomroep in Hilversum (1949-1956) en voor de Postcheque- en Girodienst in Arnhem (1960-1973), zogenaamde kruisgebouwen.
Bij de grote naoorlogse tentoonstellingen in Rotterdam was het bureau steeds prominent aanwezig. Voor Ahoy' en E55 had het bureau de supervisie en werden de Ahoyhal en Energiehal gerealiseerd. Voor de Floriade werd een paviljoen ontworpen, maar de opdracht voor de Euromast ging naar Maaskant.
Met Boks en Rietveld verzorgde men het Nederlandse Paviljoen op de wereldtentoonstelling in Brussel in 1958. Met Carel Weeber en Wim Crouwel werd het paviljoen voor de wereldtentoonstelling in Osaka in 1970 gerealiseerd. Van den Broek had eerder in 1937 al het Nederlandse paviljoen in Parijs verzorgd.
De Opstandingskerk in Schiedam (1954-1958) en de Gereformeerde Kerk van Nagele (1958-1960) vormen een minder bekend aspect van het werk. Misschien wel de fraaiste vertaling van het beeldend en expressief functionalisme is het raadhuis van Terneuzen (1963-1972).
Het bureau werd regelmatig uitgenodigd voor prijsvragen in het buitenland. Daarnaast realiseerde het enkele gebouwen in West-Duitsland: een woongebouw op de Interbau-tentoonstelling in Berlijn (1957-1960), het raadhuis van Marl (1958-1960) en een kantoorgebouw voor Siemens in München (1971-1978).
Architectengemeenschap
In 1962 werd een grote overzichtstentoonstelling aan het bureau gewijd in Museum Boijmans onder de titel Bouwen voor een open samenleving. In 1970 had het bureau, gevestigd aan de Posthoornstraat, een topbezetting met 220 werknemers. In de oliecrisis zakte het aantal medewerkers weer.
De naam was in 1971 gewijzigd in Architectengemeenschap Van den Broek en Bakema om het teamwork te benadrukken. Veel projecten werden uitgewerkt door medewerkende architecten als J.E. Rijnsdorp, J.M. Stokla, F.J. van Gool, W.J. van der Jagt, H. Klopma, J.M.A. de Groot, J. Boot, G. Lans en J.P. Balhuizen.
Met de veranderingen in de architectuur van de jaren zeventig verloor het bureau zijn trendsettende rol. Met de kleinschalige woningbouw in de Benedenstad van Nijmegen, de Nieuwe Weerdjes in Arnhem en de drie terrassenflats langs de Blaak (1980) werden de architectuurtrends gevolgd. De Centrale Bibliotheek aan de Hoogstraat (1977-1983) was het laatste ontwerp waaraan Bakema meewerkte. Het werd door Hans Boot uitgewerkt. De walradarstations (1980-1984) vormen een opvallende verschijning langs de Nieuwe Waterweg.
Sinds 1988 bestaat de directie uit Meindert Booij, Jan van Iersel en Henk Verbij. In 1990 werd de naam weer gewijzigd in Architectenbureau Van den Broek en Bakema. Veel opdrachten bouwen voort op de bestaande contacten, zoals de renovatie van het Stadion Feijenoord en de renovatie van de Lijnbaan. Via het Groothandelsgebouw kwam het bureau in 2004 in de bijgebouwen van de Van Nellefabriek terecht. Bij de Van Nellefabriek staat ook een van de meest geslaagde recente gebouwen van het bureau, de koffiesilo uit 1990. Het immense archief vanaf 1910 is inmiddels overgedragen aan het NAi.
Literatuur:
- Bouwen voor een open samenleving, Brinkman, Brinkman, Van der Vlugt, Van den Broek, Bakema, Rotterdam 1962
- J. Joedicke - Architektur und Städtebau, Das Werk van den Broek und Bakema, Stuttgart 1963
- J.B. Bakema - Van Stoel tot Stad, Zeist 1964
- C. Gubitosi, A. Izzo - Van den Broek/Bakema, Roma 1976;
- J. Joedicke - Architektur-Urbanismus, Architectengemeenschap van den Broek en Bakema, Stuttgart, 1976
- J.B. Bakema - Thoughts about architecture, London 1981
- H. de Haan, I. Haagsma - Wie is er bang voor nieuwbouw, Amsterdam 1981
- J.P. Baeten - Een telefooncel op de Lijnbaan, de traditie van een architectenbureau, Rotterdam 1995
- H. Ibelings (red.) - Van den Broek en Bakema 1948-1988. Architectuur en stedenbouw, Rotterdam 2000
- Forum 1957-6
- Bauen + Wohnen 1959-10, 1963-4
- Plan 1980-8
- de Architect 1993-2