steur, van der
Leverende organisatie | Aangeleverd op 02-12-2009
Als architect bij gemeentewerken en stadsarchitect ontwierp Adrianus van der Steur tussen 1924 en 1939 vele markante gebouwen Zijn befaamdste ontwerp betrof een particuliere opdracht: het museum Boijmans-Van Beuningen, een van de belangrijkste voorbeelden van traditionele baksteenarchitectuur van de jaren dertig. Na de oorlog bouwde hij nog het Oogziekenhuis en de Twentsche Bank. Zijn bureau leeft voort onder de naam DSBV.
Familie
Van der Steur is een telg uit een echte architectenfamilie, waarvan de leden in de architectuurboeken vaak worden verward. Adrianus van der Steur (1836-1899) was architect in Haarlem. Zijn zoon J.A.G. van der Steur (1865-1945) was architect en hoogleraar in Delft. Drie zonen van J.A.G. waren ook in het bouwvak actief: A. van der Steur (1893-1953) en A.J. van der Steur (1895-1963) waren architect en J.A.G. van der Steur jr. (1899-1966) was civiel ingenieur en was onder andere betrokken bij het ontwerp van de Stormvloedkering in Krimpen.
Gemeentewerken
Ad van der Steur studeerde in 1918 af als bouwkundig ingenieur aan de Technische Hogeschool in Delft. Hij werkte enige tijd voor de Nederlandse Spoorwegen. In 1924 kwam hij als architect eerste klasse in dienst van Gemeentewerken. Hij bouwde vooral veel schoolgebouwen, vooral in Rotterdam-Zuid: aan de Hoogvlietstraat, de Landmanstraat, de Mare, de Kameliastraat, de Frankendaal, de Kastanjedaal, de Polderstraat, de Putsebocht, de Den Hertigstraat en de Zegenstraat. Van 1931 tot 1939 was Van der Steur stadsarchitect van Rotterdam. Van der Steur ontwierp vele markante gebouwen in de stad: het Erasmiaans Gymnasium (1937) aan de Wytemaweg, het Hoofdbureau van Politie (1938) aan het Haagseveer, de Rijksseruminrichting (1931) aan de Prof. Poelslaan, het Centraal Gebouw voor de Volksgezondheid (1940) aan de Schiedamsedijk, de snelfiltergebouwen van de DWL en de ventilatiegebouwen van de Maastunnel (1940). De vlak na de oorlog gerealiseerde musea voor scheepvaart en luchtvaart aan de Rochussenstraat werden voor de aanleg van de metro gesloopt. Twee andere naoorlogse gebouwen zijn gerestaureerd: het Oogziekenhuis (1949) aan de Schiedamsesingel en de Twentsche Bank (1950) aan de Blaak 28.
Museum Boijmans-Van Beuningen
Het ontwerp voor Museum Boijmans-Van Beuningen is ongetwijfeld Van der Steurs bekendste en beste werk. Het is een voorbeeld van de traditionalistische tendensen in de Nederlandse architectuur van de jaren dertig en geïnspireerd door de Scandinavische architectuur. In het gebouw was in 1941 de tentoonstelling Nederland Bouwt In Baksteen: 1800-1940 te zien. Tijdstip en plek in het verwoeste Rotterdam waren weinig gunstig gekozen voor wat een grote triomf voor de traditionalistische architecten had moeten zijn. Van der Steur lijkt hiermee tot het kamp van de traditionalisten te behoren, maar zijn werk is weinig stijlvast. Hij ontwierp Amsterdamse School-achtige schoolgebouwen, modernistische snelfiltergebouwen, art deco-achtige Maastunnelgebouwen en het bijna neoclassicistische ENNIA-gebouw in Den Haag.
DSBV
In 1941 vormde Van der Steur een architectenbureau met W.A.C. Herman de Groot (-1952) en K.I. Ruige (1914-2003). Hij woonde en werkte aan de Graaf Florisstraat 40. Buiten Rotterdam ontwierp Van der Steur het kantoor van de IJsselcentrale in Zwolle (1939-1946) en het kantoorgebouw voor de ENNIA in Den Haag (1951-1953).. Ruige vertrok in 1950 en Herman de Groot overleed onverwachts in 1952. Van der Steur ging nu samenwerken met ex-hoofddirecteur van gemeentewerken J.P. van Bruggen (1896-1985), G. Drexhage (1914-1983) en J.J. Sterkenburg (1906-1998). Op reis in Parijs werd hij onwel, waarna hij enkele dagen later in Rotterdam overleed. Op zijn sterfbed vroeg hij Alexander Bodon (1906-1993) om hem op te volgen. Het bureau Drexhage, Sterkenburg, Bodon, Venstra veranderde in 1974 de naam in DSBV Ingenieurs en Architecten.
Literatuur:
- A.C. Vreugdenhil - De Maastunnel, Haarlem s.a.
- Albert Gielen - Ad van der Steur (1893-1953), Rotterdam 2002