funderingsproblemen

 

26 mei 2011

Leverende organisatie  | Aangeleverd op 26-05-2011

IGWR heeft in 2009 op basis van onderzoek een inschatting gemaakt van het aantal panden met een kwetsbare fundering.

Dit zijn tussen de 6000 en 8000 panden. Gemiddeld zijn er per pand 2,5 woningen. Dat betekent dat het betrokken aantal panden tussen 15.000 en 20.000 woningen bevat. De helft van het woningenbestand in Rotterdam is in bezit van corporaties. Voor de particuliere sector gaat het dan om 7.500 – 10.000 woningen.

Staat uw woning in één van de risicogebieden, dan wil dit nog niet zeggen dat uw woning een funderingsprobleem heeft. Wel dat de kans hierop groter is. Omgekeerd is het ook niet zo dat u geen funderingsproblemen kunt hebben als uw woning niet in een risicogebied staat. 

Signalen
Er zijn verschillende signalen die wijzen op funderingsproblemen. Zitten er bijvoorbeeld scheuren in de muren of heeft de woning een scheve vloer, dan is het aan te raden om onderzoek te laten doen.

Als er problemen zijn met de fundering heeft dat gevolgen voor de rest van het pand. De woning kan scheef gaan staan, er kunnen scheuren in de muren komen en uiteindelijk kan de woning zelfs instorten.

Problemen met fundering zijn in twee hoofdcategoriën onder te verdelen:

  • problemen met fundering op houten palen
  • problemen met fundering op staal

Houten palen
Het gebruik van te korte, te weinig of te dunne houten palen kan als resultaat hebben dat een pand verzakt. Hoeveel een houten paalfundering kan dragen wordt bepaald door de stevigheid van de laag waarop de paal staat. 
De draagkracht van de palen wordt hiernaast beinvloedt door zogenoemde 'negatieve kleef'. Negatieve kleef wordt veroorzaakt doordat bij inklinking (zakken) van grondlagen, de grond aan de palen blijft 'hangen'. Door de negatieve kleef worden de palen extra belast. 
Als de paal niet voldoende weerstand heeft bij de punt (omdat hij te kort is of de grond bij de paalpunt te slap is) wordt de paal verder in de grond gedrukt. Hierdoor zakt de woning, met scheuren in de muren en scheefstand als gevolg.



Droogstand
Onder de panden die eind 19de of begin 20ste eeuw gebouwd zijn, bevindt zich een gedeelte dat (naar de huidige maatstaf) slecht gebouwd is. In die tijd werd geen bodemonderzoek gedaan. Ook naar het niveau van het grondwater werd te weinig onderzoek verricht.

Wateronderlast (een te laag grondwaterniveau) levert alleen problemen op bij een houten paalfundering. Bij de aanleg van een houten fundering, moet de bovenkant van het houtwerk onder de laagst bekende grondwaterstand worden geslagen. Het is namelijk van groot belang dat het houtwerk altijd onder water blijft staan, zodat er geen zuurstof bij kan.
Zijn de palen te hoog geslagen ten opzichte van de grondwaterstand, dan komen de koppen van de palen 'droog' te staan. Hierdoor kan er zuurstof bij het bovenste gedeelte van de paal komen en gaan de palen rotten. Na 10 tot 20 jaar droogstand heeft een funderingspaal z'n dragende functie verloren, doordat de bovenkant te ver is aangetast.
De paal hoeft niet onafgebroken droog gestaan te hebben. Ook als de palen maar een of meerdere maanden per jaar droog staan, ontstaat er paalrot als de paalkoppen bij elkaar opgeteld meer dan 10 tot 20 jaar droog hebben gestaan.

Voor het bepalen van de laagste grondwaterstand zijn enkele jaren aan metingen nodig. U kunt op een eenvoudige wijze zelf onderzoeken hoe hoog de waterstand onder uw perceel is door een peilbuis te slaan en enkele jaren de grondwaterstand te meten.
U kunt bij de Afdeling Watermanagement van Gemeentewerken bekende grondwaterstanden bij u in de buurt opvragen.

Palenpest
Houten paalfunderingen kunnen onder (grond)water ook aangetast worden, maar dan niet door schimmels maar door bacteriën. Dit wordt ook wel de palenpest genoemd. Al kunnen deze bacteriën in alle soorten hout voorkomen. Het blijkt dat vooral grenen palen er gevoelig voor zijn. De bacterie tast de hele paal aan. De aantastingsnelheid van bacteriën is veel lager dan die van de meer agressieve schimmels (paalrot). Onder Rotterdamse omstandigheden duurt het zeer lang (meer dan 100 jaar) voordat een paal ernstig is aangetast door palenpest.

Fundering op staal
Een fundering op staal hoort op een stevige zandlaag te staan. Helaas komt het ook vaak voor dat de fundering gebouwd is op een klei- of veenlaag. Deze laag zakt in de loop van de jaren. Zakt de grond (en dus de woning) dan komt het vloerniveau steeds dichter bij het grondwaterniveau.  Bij een gelijkblijvende grondwaterstand treedt dus vroeg of laat wateroverlast op.
Komt de vloer van de woning erg dicht bij het niveau van het grondwater te liggen, dan is de kans op vochtproblemen in de woning groot en kunnen bijvoorbeeld houten vloeren gaan rotten. 

Soms zakt het pand sneller dan de bodem. Bij een heterogene bodem, een bodem die bestaat uit verschillende soorten grond, kan het zakken ongelijkmatig gebeuren. Hierdoor ontstaat schade aan het pand zoals bijvoorbeeld scheuren in de muren en scheefstand.

Deze pagina is succesvol verzonden

Afbeelding voor het bijhouden van paginastatistieken