rijnhavenbrug
13 januari 2012
Leverende organisatie | Aangeleverd op 20-02-2012
De fietsers- en voetgangersbrug vergroot de aantrekkelijkheid van zowel Katendrecht als de Wilhelminapier. De reistijd voor fietsers en voetgangers van Katendrecht naar het centrum en vice versa neemt af en winkels en horeca profiteren van een betere bereikbaarheid.
De Rijnhavenbrug is een technisch hoogstandje. Wie over het prijswinnende ontwerp van Quist Wintermans Architecten fietst of loopt, zal niet kunnen vermoeden hoe technisch complex de elegante constructie is. Zo hebben ingenieurs van het Ingenieursbureau ervoor gezorgd dat de slechts één meter dikke brug toch aanzienlijke krachten kan opnemen.
Slank
De Rijnhavenbrug bestaat uit vijf delen: een te openen deel om schepen door te laten, en vier vaste delen. Om maximaal zicht op de Rijnhaven te houden, stelde de gemeente transparantie als belangrijke eis. Brugdek en pijlers zijn daarom zo slank als mogelijk uitgevoerd. Het te openen deel is een zogenoemde ‘staartbrug’. Alle techniek om deze dertig meter overkragende, stalen constructie te bedienen, zit in een kleine betonnen kelder, deels onder water. De vaste brugdelen zijn van staal. Daarvoor is gekozen in verband met de ranke vormgeving en de belasting op de ook al slanke pijlers.
Trilling
Bij een relatief lichte, stalen brug ligt altijd het gevaar op de loer dat de constructie ‘in trilling’ wordt gebracht, bijvoorbeeld door een groep mensen die onbedoeld in een bepaalde cadans loopt. Dit potentiële probleem, dat zich enkele jaren geleden voordeed bij een voetgangersbrug in Londen, is voorkomen door voorzieningen in het inwendige van de brug op te nemen waar indien nodig dempers kunnen worden geplaatst.
Aanvaarbelasting
De zichtbare, zeshoekige pijlers onder de brug zijn van beton. Onder iedere pijler bevindt zich een dertig meter lange stalen buis (diameter 2,4 meter) gevuld met beton. Deze buis fundeert de brug in de draagkrachtige grondlagen op circa 25 meter diepte. Ondanks die robuuste constructie zou de horizontale stijfheid van de pijlers nog te gering zijn bij een eventuele aanvaring. Daarom wordt de brug aan de stijve uiteinden – de kades en de betonnen kelder – voorzien van zware afsteunconstructies. Daardoor kan de brug een driemaal hogere aanvaarbelasting opnemen.
Noodstop
De kelder is precies groot genoeg om ruimte te bieden aan alle bruginstallaties en is daarmee relatief klein. Maar de betonnen massa als geheel moet ook de grote horizontale krachten bij een aanvaring kunnen opnemen én moet de krachten van het beweegbare deel, reikend tot 40 meter hoogte, aankunnen, ook bij een eventuele noodstop. Daarom is onder water de basis van de kelder aan beide zijden verbreed met een zware uitkragende voet waarin de funderingspalen zijn ingeklemd.
Het Ingenieursbureau is verantwoordelijk voor de engineering van de brug en de directievoering. Het Ingenieursbureau heeft ook de aanbestedingsprocedure uitgevoerd.
Meer informatie
Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Jaco Reusink, tel. (010) 489 46 33, email JH.Reusink@rotterdam.nl
Bekijk het filmpje over de bouw van de Rijnhavenbrug op YouTube.
